Pokkeweer

weblog 012Was het de hele tijd mooi weer, had ik het druk met van alles. Te druk om er op uit te gaan. En voor deze week dacht ik mooi even de schade te gaan inhalen en een bezoek aan Artis te gaan brengen, barstte de regen en de storm los. Het regent dat het giet, de bladeren waaien door de straat en de lucht is sombergrijs. Ja, zo ga ik niet door Artis lopen, dat begrijpt u. Bovendien is het een duur bezoek (€ 19.95 oftewel 20 piek). Maar goed, omdat ik al twee keer helemaal niets bezocht heb en dus ook geen reisgeld uitgegeven heb, dacht ik daar maar eens niet op te letten. “Kom op Thé”, dacht ik, “laat de poen maar eens rollen…!” Want ik wilde daar net eens gaan zitten en lopen mijmeren over vroeger tijden, toen onze jongens nog klein waren en wij, nog jong, zo af en toe met ze dit uitstapje maakten.  En dat kan ik niet in de stromende regen, omdat wij daar altijd met mooi weer kwamen. Bovendien ben ik benieuwd hoe Artis er nu uitziet. Er zit niets anders op dan te wachten tot het fatsoenlijk dierentuinweer is. En anders moet ik voorlopig maar een binnengebeuren bedenken. Maar ja, ik had er opeens echt heel veel zin in.

PS Ik weet wel dat het pokkenweer moet zijn, maar pokkeweer klinkt toch meer pokke, vind ik.

Naar de kapper

weblog 007weblog 015Vandaag ben ik weer eens naar de kapper geweest. Want ook al laat je je haar groeien, is dat toch af en toe nodig. Er moest weer een beetje model in komen en mijn pony moest ook wat gefatsoeneerd worden. En Esther, mijn lieve voorkeurkapster, heeft dat weer voortreffelijk gedaan. Ik heb nog steeds een staart en mijn pony zit gezellig krullerig.

Nee, dan vroeger in mijn jeugd. Dan kwamen wij, mijn zus en ik,  altijd zwaar ontdaan van de kapper terug. Hij had er een stijf getoupeerd* hoofd van gemaakt. De koningin was er niks bij. Beatrix dan, hè? En hoe wij ook zeiden, dat wij NIET getoupeerd wilden worden en de kapper ons verzekerde dat hij het maar een heel klein beetje zou doen en wij niet durfden zeggen dat hij het g.v.d. moest laten, dat hij dan maar helemaal van ons haar moest afblijven als hij niet kon luisteren naar onze wensen, lieten wij het wéér gelaten over ons komen. Vervolgens snelden wij naar huis en gingen dan gauw dat stijve hoofd weer ombouwen tot dat van ons eigen door er strak de kam door te halen. Dat was nog een heel gedoe, hoor. Steevast stelden wij onze moeder zwaar teleur die altijd een glimp opgevangen had. “Het zat zo keurig …” zei zij verdrietig. “Mam, hoe kunt u dát nu mooi vinden, zo vreselijk truttig?!” spraken wij streng of woorden van gelijke strekking. Dat hele kappersbezoek bleef een drama, lieve lezers. Wij bleven het niet pikken en de kapper kon zijn toupeerkunsten niet laten. Voor hem was dit natuurlijk de ‘finishing touch’, nu eindelijk begrijp ik dat. Intussen is het helemaal geen mode meer godzijdank. Niet iedereen hoeft er meer hetzelfde uit te zien, maar men verzint nu de leukste kapsels en … passend bij ieders haartype. Was het toen maar zo geweest. Wat ik ook niet allemaal deed om mijn krullen UIT de krul te krijgen en dat alles voor niks, want was het wat vochtig weer, hopla, daar gingen ze weer. Nu mag het al lang weer, krullen, maar ook stijl haar, stekeltjes, zelfs kaal, maar dat voor mannen. Mijn drie broers leden zo mogelijk nog meer, maar daarover misschien een andere keer…

*touperen Voor degenen die niet meer weten wat het is, touperen. Men neme een bosje haar en kamt dat een paar keer de verkeerde kant uit, dan met het volgende plukje en zo wordt je kapsel steeds groter en breder. Dat het niet goed is voor je haar, dat snapt een kind maar de toenmalige kapper niet, maar dat terzijde.

Klacht van Boeli

weblog 014Onze Boeli heeft het allemaal lijdzaan aangezien. Hij zag poppen gebreid worden, muizen (“MUIZEN?”!?!) en allerlei apen. Hij hield zijn klauwtjes thuis, hoewel het zeer verleidelijk was al die bolletjes wol te zien afrollen. Maar hij bleef braaf tot vandaag … toen werd het hem te veel.

weblog 015“En wanneer brei je eens wat voor mij, Boeli?”, vroeg hij. “Voor jou, maar jij zit helemaal in het bont, je hebt een zwart-wit bontpakje aan. Alleen je neusje en je teentjes zijn bloot…” zeg ik verbaasd. “Wat zou er nu koud aan jou kunnen zijn? “   Boeli ging er eens voor zitten en je zag hem zwaar nadenken. “Uh, ik zag laatst bij ene Hanscke polswarmertjes…” zei hij en keek mij verwachtingsvol aan. “Nee Boeli, jij hebt niet eens polsjes en als je ze toch hebt, zijn ze beslist niet koud”.  Ik zag Boeli knikken en hij rolde zich behaaglijk op om een tukkie te doen.

weblog 017Maar opeens … ja, hij wist het. “Het puntje van mijn staart wordt soms erg koud, weet je Thérèse. Die wiebelt zo vaak en nu dacht ik, dat je misschien een staartpuntwarmertje zou kunnen breien? Hij keek mij triomfantelijk aan. Hij wist dat ik niet kon weigeren. Hij heeft namelijk een zeer beweeglijke staart. En dus ben ik nu bezig, met spoed, want je weet niet wanneer het echt koud zou kunnen worden. Met dank aan Hanscke. En álle kleurtjes staan hem goed, wat leuk!

Apen en muizen

weblog 017Afwisselend brei ik in mijn vrije tijd muisjes mét kleertjes en haak ik apen. Ik doe dat voor de kleinkinderen maar ook wel puur voor mijn eigen lol. Ik ben nu al aan de 7e muis –het is veel werk, hoor- en aan de 5e aap. De apen zijn hoewel een stuk groter veel sneller klaar. Het is wel een beetje raar misschien voor een kunstenaar want schilderen of tekenen staat op een zeer laag pitje. Maar je kunt er zo lekker bij nadenken en mijmeren, dus misschien komt de inspiratie ofwel de drang juist hierdoor plotseling weer om de hoek kijken. De voornemens zijn er, maar nu nog doen. Maar goed, intussen amuseer ik mij kostelijk.

weblog 011Al hakend bedacht ik of het raar zou zijn om een aap bij mij te hebben op mijn uitstapjes. Gewoon in de rugzak met zijn kopje er net bovenuit, zoals andere mensen gezellig een hondje op de arm hebben. Ja, geen herdershond natuurlijk, maar zo’n ietsiepietsiehond, ‘een sjie wa wa’ of zo iets. Maar misschien neemt de politie mij dan wel mee, omdat ze denken dat een demente seniora door de stad dwaalt, met haar ‘apie’. Hoewel … misschien zou dat best eens spannend kunnen zijn. Dan belt ‘oom agent’ mijn Kwaster op om te zeggen dat een verwarde dame door Amsterdam wandelt en of hij daar raad op weet. Ik doe dan natuurlijk ook net alsof ik een tikkeltje in de war ben, niet heel erg, maar toch wil een agent zo’n dame liever veilig thuis hebben. En toen ik dat alles zo eens aan het overwegen was, moest ik opeens denken aan de aapjes van de kermis. Weet u dat nog? Zo eentje wilde ik altijd zo graag hebben, hoewel mijn moeder mij verzekerde dat het een nepperig en vies bontje was met nog rare kleuren bovendien. Of je ze ergens mee won of kon kopen, dat weet ik niet meer. Ik geloof dat er touwtjes aan zaten om hem te laten dansen of springen, maar ook dat weet ik niet precies meer. Ja, een mens kan niet alles onthouden, hoor! Misschien weet iemand het hier?

weblog 018Ik heb om mijn geheugen op te frissen twee tekeningen gemaakt. De eerste is hoe hij er in mijn fantasie uitzag, een leuk vrolijk en lief aapje. De tweede is hoe mijn moeder hem waarschijnlijk zag en zo zal het ook wel geweest zijn, een flodderig flutding. Misschien vind ik het daarom wel zo leuk om allerlei apen te haken. Dat zou heel goed kunnen. De aap in de rugtas is nog niet klaar, want hij heeft nog maar één oor en één arm en geheel geen benen, maar dat zie je niet. Maar ik ga gauw weer verder. Denkt u even mee over die kermisaap?

Het Zuiderzeemuseum

weblog 051Gisteren besloot ik ‘mijn vrije dag’ buiten te besteden, want zoals u wel weet natuurlijk, was het een prachtige dag 3 oktober. En dus ging ik naar het buitenmuseum in Enkhuizen. Het Zuiderzeemuseum heeft namelijk een binnen- en een buitengedeelte. Ik was er al wat vaker geweest, maar zomaar fijn rondslenteren en hier en daar een kijkje nemen en met deze of gene een praatje maken blijft leuk, zeker met die felblauwe lucht én in de laatste maand dat het open is. Met de Kerstdagen kan men er (goedkoop) ook nog even in trouwens. Maar dan is het echt wachten op het nieuwe seizoen.

weblog 023weblog 028weblog 032weblog 033weblog 054

Het Zuiderzeemuseum is zo genoemd omdat het de geschiedenis laat zien van alles wat zich afspeelde rond de vroegere Zuiderzee. Er zijn dan ook heel veel oude huisjes overgeplaatst naar hier, werkplaatsen, winkeltjes en ook van alles wat met de scheepvaart en de visserij samenhangt.  En al is het min of meer kunstmatig, de sfeer is goed getroffen want dit deel ligt aan het IJsselmeer. Er werken hier 160 vrijwilligers, vertelde een meneer, die o.a. over het postkantoor gaat. En dan nog iets: wat is dit toch een geweldig idee geweest van mijzelf om één keer per week een dagje of middagje er tussen uit te piepen. ’s Ochtends wist ik nog niet eens wát en óf ik iets zou ondernemen en daar zit ik op een terrasje midden in een museum in de zon van een chocomelletje te genieten. En echt duur zijn mijn uitjes niet, want ik heb een dalurenkaart voor de trein en een museumjaarkaart. Dat bevalt mij heel goed. En dit was helemaal een prachtige dag.

Dát had ik nu net nodig …

003Omdat bij mij ‘de kaboutertjes’ nooit iets uitvoeren, die luie donders, kwam ik op het idee wat anders te proberen. Daar het huishouden helemaal niet mijn ding is en ik tenslotte tot mijn grote ergernis almaar ouder en stijver word, heb ik tenslotte toch wat assistentie nodig. “Weet je wat?” dacht ik, “ik handwerk ze gewoon zelf, die hulpjes. Daar ben ik tenslotte tamelijk goed in en dat vind ik leuk om te doen…” Ik begon een tuinman te haken, een stoere beer met het nodige gereedschap en wat dacht u wat? Juist, helemaal niks. Hij stond zijn schort te bewonderen, hij inspecteerde zijn schepje, maar verder: helemaal niks. Ik heb hem toen maar aan Rein gegeven, mijn kleinzoon. Ik breide wat popjes, jongens én meisjes in de hoop dat ze het werk naar genoegen konden verdelen, maar wat gebeurde? Er ontstonden grote ruzies wie wat zou doen en het kwam er uiteindelijk op neer dat iedereen het allerliefste helemaal niets zou doen. Of lekker in het zonnetje thee drinken, want ‘alle poppen zijn dol op thee drinken’ hadden zij in dat boek zien staan. Dus weg met die poppen, naar de kleinkinderen dan maar. Toen kwam ik op het idee om Paashazen te breien, want dat zijn nijvere beestjes, dacht ik. Klopt, beste lezers. Zij begonnen onmiddellijk al onze in huis aanwezige eieren bont en blauw te schilderen. Ik zal u zeggen dat Kwaster en ik niet echt blij waren. Nou, toen ging ik muizen uitproberen, helemaal ten einde raad en ik breide vijf jongetjesmuizen. Ze zagen er alle vijf ijverig uit, maar schijn bedriegt soms. Ze hingen wat rond, kletsten wat maar de muizenhandjes eens goed uit de mouwen steken, ho maar! Tussendoor haakte ik wat apen maar dat was puur voor mijn eigen lol. Daar had ik totaal geen verwachtingen van en dat was terecht, bleek later. Zelfs de zeerover was te lui om de zee te gaan roven.

003weblog005weblog 004Zonder nog enige hoop, maar uit macht der gewoonte breide ik moedeloos nog een muis. En voor de broodnodige variatie breide ik er een jurkje bij. De eerste vrouwtjesmuis was het eigenlijk. En wat gebeurde vanochtend? Ik kwam beneden en ik zie het muisje tevreden op een keurig gevouwen stapel handdoeken zitten. Zij wilde zich nog snel verstoppen en liet zich naar beneden zakken, maar ik had haar al op de kiek staan. Och wat ben ik blij. Ik heb haar uitbundig geprezen en wat lekkere hapjes gegeven en nu maar afwachten … o wat spannend. Toch nog succes gehad, ten langen leste. O wat is dit goed nieuws.

Naar de Tropen

Van diverse kanten had ik te horen gekregen, dat het Tropenmuseum zo mooi is geworden. Dus –wat dacht u?-  kreeg ik ontzettende zin om op mijn vrije dag daar eens heen te gaan. Ik vroeg Kwaster of hij ook niet meewilde, want tenslotte liggen daar diverse roots van hem. Maar nee, na lang denken ging hij toch liever thuis door met zijn bezigheden. “Kwaster, dan ga ik alleen naar de Tropen! Goed?” riep ik opgewekt. Want tenslotte bewaren ze daar heel zorgvuldig die mooie warme streken, de Gordel van Smaragd, waar het nooit winter is, waar allerlei prachtige planten en bloemen weelderig groeien. Dus hop met de trein naar Amsterdam, daarna tramlijn 9 en uitstappen  de eerste halte na Artis. Daar aangekomen is het even omlopen want de ingang zit nu aan de achterkant om de een of andere reden. Maar goed, ik heb het gevonden en mocht er gratis in met mijn Museumjaarkaart. Ik besloot eerst naar de vaste tentoonstelling ‘Nederlands Indië’ te gaan. Ik heb in de loop der tijd diverse boeken gelezen, die speelden in ‘ons Indië’ en daar wilde ik graag een stukje van meeproeven.

006007Hoewel … ik schrok eerst wel, hoor. Er stonden of zaten diverse(wassen) figuren in glazen hokjes met een tropisch decor, een schooljuffrouw, een officier in een wit pak, een Indische ‘toean’ Anwar geheten,die het ver geschopt had, een kunstenaar op een motorfiets, een vrouw van een dominee,  en nog andere, waar ik even niet op kan komen. Ik noem ze wassen figuren, maar ze leken griezelig echt. De schooljuffrouw zag een tikje pips, met sproeten en een huid waar je even aan wilde voelen, zo echt zag zij er uit. En dat gold ook voor de anderen. Heel knap gedaan.

weblog 008009En zo zat je al meteen in die sfeer van vroeger. Ja voor de oorspronkelijke bewoners was het minder leuk, dat weet ik ook wel. Die blanda’s voelden zich ver boven hen staan en als je dan ziet wat voor mooie beelden, tempels en sieraden e.d.  die zogenaamde inlanders hadden, dan begrijp je gewoon niet waar dat superioriteitsgevoel vandaan komt. Maar ja, andere tijden hè … dat moet het geweest zijn. Ik heb nog veel meer interessants gezien, maar daarover misschien een andere keer.