Het is gepiept

Het leek gisteravond toch echt net een toneel, waarop wij zaten, Kwaster en ik. Ook Koos verkoos het op dit eilandje in de grote leegte te vertoeven, de meeste tijd bij mij op schoot. Zo moet het ongeveer voelen, op ‘de planken’ een rol te spelen , dacht ik en ik vertelde dat. Kwaster kon het zich aardig indenken en daarom heeft hij later op de  avond deze foto genomen

Een glansrol

 Ik in een grote rol als comédienne zoals mijn voorbeeld bij uitstek vroeger, Mary Dresselhuys of als tragédienne zoals Ank van der Moer of Ellen Vogel, want je moet wel van alle markten thuis zijn natuurlijk.

mannen over de vloer

Enfin, fantaseren  is leuk en dat mag ook best wel na al dat geruim en gesjouw maar vroeg in de ochtend zouden die mannen komen om aan de slag te gaan en dan moet er natuurlijk koffie wezen en een praatje. Ik was een tikkeltje te laat –eerlijk gezegd- maar Kwaster niet gelukkig. En zo ging dus alles naar wens. Verhoudingsgewijs was het snel gepiept eigenlijk. Alleen die arme Koos liep klagend door de gang. Hij vond het maar niks die enge kerels zo languit over de vloer, uh..zijn vloer, in zijn huiskamer. Ook toen wij er al weer wat van het vertrouwde meubilair teruggezet hadden, hield hij zich er verre van. Misschien rook het vreemd, denk ik nu opeens. Dat zou kunnen. Maar goed, Koos is nu eindelijk bijgetrokken, het is een mooie vloer, een keurige ook en langzaam –niet alles hals over kop, even bijkomen – dan komt alles of bijna alles zo ongeveer weer op ’n plaats. Misschien wat veranderingetjes, maar dat zien we wel. Voor dit jaar zijn wij hopelijk klusklaar. En o ja, allen wil ik wel even heel hartelijk bedanken voor het medeleven in deze perikelen. Dat deed mij geweldig goed.

Tomorrow……..tomorrow

Jammer dat ik niet weet hoe je er een muzieknootje bij kan typen, maar u kent dat fameuze liedje wel, hè? Morgenvroeg staan zij, van de vloerbedekkingleggerij,  voor de deur en wij…..hebben de kamer leeg, pfffffffft  *veegt even het zweet van het gelaat* .  Er staat/n alléén voor vanavond nog 2 x één stoel, 2 krukjes dienstdoende als bijzettafeltjes, 1 televisietoestel voor Kwaster, 2 staande leeslampen voor ons en dát was het.  Ik ben nu vast van plan onze huiskamer niet meer zo vol te stouwen; dat is toch helemaal nergens voor nodig. En…..vanavond spelen we even dat we in een tentje  zitten of net verhuisd zijn of – nóg een beter idee- dat we op een sober toneel een modern stuk gaan spelen. Ik lees dan wat, brei af en toe aan iets kleins en Kwaster kijkt TV en zo af en toe zeggen wij wat. Het publiek in de zaal kijkt ademloos toe, wat zal er gebeuren? Er stond toch een heel goede recensie in de krant, de kaartjes waren niet goedkoop en totaal uitverkocht, dus het zal een toneelstuk zijn, dat je gezien moet hebben, waarover je mee kan praten, nu alleen nog even een mening vormen, -“gebeurt er nog wat, Arend Jan?”  Jaja, sssssssst, Marije, let nu maar op….- en dan gaan we straks lekker naar huis”.  Aan zo iets dacht ik even. Ik had n.l. dolgraag bij het toneel gewild, maar helaas, ik durfde het niet. Een té verlegen tiepje, begrijpt u wel?  Nu heb ik er soms wel eens spijt van, vooral als ik opeens van die leuke ideeën krijg zoals nu. Maar als ik dan denk: “Nu gaat het gordijn open, ik zie allemaal gezichten in het halfduister……” dan heb ik het al niet meer, behalve de bibberaties, die wel. Maar het idee is toch wel geweldig, een echtpaar samen op een sober toneel…..weet u wat, in een volgend leven dóe ik het, welja…..ik ga mij vanavond helemaal inleven, heerlijk….

een leeg toneel....

Een dorpsgeheim

Nou ja, enkele mensen kennen het geheim wel natuurlijk, bepaalde gemeentefiguren, als zij het tenminste niet verdrongen hebben.  Maar het zou mij niks verbazen als de meerderheid helemaal van niks weet. Maar ík wel hoor, omdat ik bijna iedere dag een gezonde wandeling maak en zodoende veel zie en opmerk. En ik ga het u nu lekker verklappen. In ons dorp ging men op een dag iets doen –niemand wist nog wat precies- op een niet zo groot kruispunt . Men brak de straat op, men maakte een heuveltje, men legde er tegels middenop, witte, in een keurige cirkel en er werd een bord geplaatst met ROTONDE. De hekken werden weggehaald en men kon de straat weer gebruiken én tegelijkertijd het gloednieuwe ronde ding. Alles ging goed, de auto’s reden rond, de fietsen ook, maar toen kwam er een lange vrachtauto aan. En hoe hij ook wendde of keerde, het lukte opeens niet meer. Het was niet eens zo’n héél grote maar het ging gewoon niet. Er ontstond een opstoppinkje en de politie kwam erbij. Tja….kennelijk had iemand van de dorpse rekenkamer een fout gemaakt. Er was daar te weinig plaats voor een rotonde. Zónder ging het gemakkelijk en alles ging al jaren goed tot ieders volle tevredenheid. “Wat nu?” dacht ik nog. Een paar dagen later wandelde ik er weer eens toevallig langs. En wat zag ik? Niks, helemaal niks, geen spoor meer van de rotonde, weg, alsof hij er nooit geweest was. Lieve lezers, het leek wel of ik het maar gedroomd had. Ik denk dat ons bestuur stiekem ook hoopt dat alle mensen het vergeten zijn, want dat kost wat, hoor; dát weet ik inmiddels wel. Ik heb er nergens meer wat over gelezen en er niemand over gehoord. Wonderlijk, niet? Maar ik heb het niet gedroomd, hoor, echt niet.

Even buiten het dorp op een wandeling.

Een piepklein stukje…

……om de moed erin te houden. We vorderen met leegruimen, met dingen ordenen, andere zaken wegdoen of heel ergens anders opbergen, op een zoldertje bijvoorbeeld waar dat soort dingen eigenlijk horen en nu we toch bezig zijn, doen we het gelijk ook goed.  Het komt voor elkaar, heb ik gezien.  Niet dat we al helemaal zo ver zijn, maar ik mag even een stukje schrijven van mijzelf. 

Vanmiddag ging ik én een wandelingetje maken én tevens naar de markt om bij de wolmeneer gele wol te kopen. Die heb ik namelijk nodig voor de wijzen of koningen in de Kerststal. Ik heb u nog niets laten zien, maar het vordert wel, hoor.  Het vervelende is dat ik het anders moet doen dan staat aangegeven, omdat anders de hele ‘Kerst-cast’  omlazert en dat moeten we niet hebben. Het duurt dus nog even, maar het zal ‘reg kom’. Maar….pech, de wolmeneer  is er niet. Nog eens rondgelopen…maar nee.  Misschien is hij wel ziek en lekker ‘ónder de wol gekropen’. 

Dan nog maar even over ons winkelcentrum. Ik loop bij de speelgoedwinkel naar binnen, zomaar om toch een beetje op de hoogte te blijven.  Ik kijk wat rond, sta even stil bij de poppen en daar staat ook een oudere dame.  Ouder dan ik, bedoel ik. “Ik weet het niet meer, hoor! Ze hebben al zo veel. Ik vind het niet leuk meer; ik weet ook helemaal niet meer wat ik nu moet kopen..” Een beetje zielig vond ik het wel en ik zei zoiets als: “Tja….heel moeilijk”.  “Ze zijn ook nergens meer blij mee….”, klonk het. “Kijk nou, zo’n popje, niet eens zo duur, wat zouden wij dáár blij mee geweest zijn, kijk…..dit popje, ja toch?”  En zo voerden wij nog een gesprekje, nou ja of ze nu écht tegen mij praatte of met zichzelf, is mij niet helemaal duidelijk. Het overkomt mij wel vaker tegenwoordig en ach, ik praat maar even terug.

Een heel gedoe

Een hele tijd geleden hebben wij afgesproken dat er een nieuwe vloerbedekking bij ons gelegd zou worden, in de huiskamer. “Kijkt u maar, wanneer het u het beste uitkomt..”, sprak de betreffende man vriendelijk. Ja, wanneer komt je dat überhaupt goed uit? Je hele huiskamer moet dan leeg, je ganse hebben en houden, zeg maar. Want even een volle kast op van de handige plankjes met wieltjes  eronder de gang oprijden, is geen optie, volgens Bartjens.  Maar goed, het moest er nu maar eens van komen, hoewel wij helemaal niet gebeld werden of er nog wat van kwam. Tevens waren wij bang dat de afgesproken prijs niet meer zou gelden als het ons pas het volgend jaar ‘min of meer’ zou uitkomen en …het misschien al weer onze vakantietijd zou zijn (in mei, hoop ik dan) . Dus ja, dan moest het maar gebeuren. Even hoopten wij nog stiekem, dat zij voorlopig geen tijd meer hadden dit jaar….maar nee. “Zegt u het maar, a.s. dinsdag, wat dacht u daarvan?” En hij keek en verwachtte waarschijnlijk blije gezichten te zien. “Nu dinsdag al? Dat redden wij niet, help…”, riepen wij verschrikt. “U weet niet half…” “Rustig maar, de dinsdag dáárop misschien?” Wij knikten bedrempeld uh bedremmeld. Het moest er maar van komen, hadden wij afgesproken. Dus…u begrijpt het al, het MOEST. Wij zijn nu druk bezig, wij begonnen moedig en opgewekt, maar gaandeweg merk je pas wat er bijvoorbeeld al uit één kast komt. Er zal vast het e.e.a. weg kunnen, maar dat beslissen wij later wel. Hup alles netjes in dozen en dóórgaan….het is toch wat. Waar zijn wij aan begonnen? Maar ook, wat zullen wij straks blij zijn als we a.h.w. in een totaal andere kamer zitten. De muren hoeven niet leeg, dat scheelt al ietsje. WIJ ZULLEN DOORGAAN LALALALALA LA  (van Ramses Shaffy dan. hè?)

P.S. Mocht ik een tijdje niet reageren of gereageerd hebben, dan weet u waar het aan ligt. Niet aan mij, maar aan de vloer

Door de rommel Koos niet meer zien....

Een nieuwe dichter ?

Weer te gemakkelijk dat raadseltje of jullie zijn gewoon enorm slim? Ja, laten we het dáár op houden.  Renesmurf had niet alleen de oplossing, maar hij verwoordde het ook zo poétisch. “René man, je moet gaan dichten, voorlopig in de komende donkere avonduren en nog even…dan word jij de komende Dichter des Vaderlands”.  Zo, dit was ook meteen de hoofdprijs,  een deskundig beroepsadvies.  Nou, we zullen nog wel van je horen, dunkt mij. 

Eend, meerkoet en halve fuut

 Hoe kwam ik nu bij zo’n foto, wilt u misschien weten? Ik zal het vertellen. Ik ben gefascineerd door WATER. Ik heb er zelfs eens een hele schilderijententoonstelling aan gewijd. Water zus en water zo. Saai? Helemaal niet. Je hebt het water zelf, wat er weer altijd anders uitziet, verschillende kleuren, diverse patronen, als je het zo kunt noemen en dan de weerspiegelingen. Die heb ik toen nog niet eens zo vaak afgebeeld. En wat gebeurt mij nu wel vaker? Als ik bij water kom, stop ik altijd even, sla aan het fotograferen en dat was bij de ‘raadfoto’ ook. Ik kreeg een eend in de peiling, er kwam een bazige meerkoet bij en net te laat of net op tijd, want je ziet zijn koppie nog, een jonge fuut.  Ik zag een boom weerspiegelen en nog meer moois. Wij hebben trouwens heel wat water in de vorm van sloten e.d. in ons dorp, dus ik kan nog wel een tijdje vooruit. En ook dichtbij:  het IJsselmeer, waar de Sint aankwam, weet u nog? Ook hebben wij een soort polderbos met wat meren en ook al sloten en vaarwateren…….voorlopig zal een waterschaartste hier nog niet snel optreden.

Van een brug gezien

Wat is dit?

Een foto, door mijzelf onlangs gemaakt. U mag raden wat het is. En dan het liefst met een motivatie erbij waarom u denkt dat het dát is. Wie het denkt te weten, mag het gewoon melden. Hier komt-ie. O ja, ik heb hem in zijn geheel hier geplaatst, dus er niks uitgelicht of anderszins bewerkt.

Vragen, veel vragen

'Zie de zon schijnt door de bomen'.

Nou, laat ik de geheimen van Sinterklaas maar even vergeten.  Hoe hij op zo veel plaatsen tegelijkertijd kan zijn, hoe hij er steeds weer anders uitziet (“Hij heeft vast een nieuwe bril …..”, opperde ik, toen jongste zoon achter op mijn fiets zei: Deze is wéér héél anders dan die op school, Mama..”) hoe hij zelfs steeds anders ruikt (één keer verdomde ik het, toen een zeer muf ruikende én stoffige Sint mij op zijn knie wilde laten plaatsnemen op een winkelcentrum en van mijn kinderen moest hij ook afblijven) , hoe hij vorig jaar van zijn paard kon vallen (ik heb het met eigen ogen gezien) hoe hij zich steeds vergist door rijke kinderen heel dure spullen te geven en v.v. (vice versa)  en zo kan ik wel een uurtje doorgaan, maar ja, de Sint is heilig en dan kan dat kennelijk allemaal. Maar goed, bon, soit, het zij zo.

Wel heb ik nog andere vragen waarop misschien iemand het antwoord wél weet.  Bijvoorbeeld: menigeen heeft het over een barre, akelige, horribele, zware en strenge winter die ons te wachten staat. Heb ik iets gemist? Hoe komt men daar dan bij? Waarom wil men dat aan mij wijsmaken? Moet ik voorzorgen nemen? En zo ja, welke dan speciaal?  Ook iets wat mij bezighoudt, is of alleen hier nog zoveel in bloei staat, hortensia’s, boterbloemen, leeuwenbekjes, lobelia’s, geraniums –asters en chrysanten en winterviolen tel ik niet mee- of dat het bij iemand anders ook nog zo bloeierig is??

En dan –niet meer dan drie vragen tegelijk, werd mij ingeprent als klein nieuwsgierig leergierig meisje- wanneer is eigenlijk het wildplassen verboden geraakt? Vroeger zag je zo vaak een man of een jongen bij een boom staan en iedereen wist wat hij daar deed en sterker nog: niemand keek er van op. Er schijnt tegenwoordig een forse boete op te staan. Nou, hallo zeg! Het kan toch…het zou toch kunnen, dat je opeens vreselijk ‘moet’ zeg maar en dat er nergens een daarvoor bestemd ding aanwezig is, ja wat moet je dan? En zo komen er steeds meer regeltjes en verboden en wordt het leven –vind ik dan, hoor- er echt niet gemakkelijker op.

Sintfilm

Hier is dan toch het filmpje van de intocht door de Hoofdstraat. Hoewel een beetje klunzig, krijgt u toch een beeld van een dorpse intocht. Heeft u het geduld om hem helemaal uit te zitten, daag ik u uit om ook de filmpjes van de aankomst in de Kolk (de Broekerhaven) te bekijken die hierna volgen. Er is geen stoomboot te zien en ook Sint zal wel aan mijn aandacht zijn ontsnapt. Het arme paard had geen zeebenen en was dus van te voren ingevlogen, zoals u hebt kunnen zien in de fotoreportage van gisteren.

De aankomst, de stoet en de aftocht

Gisteren op een mooie zondag liep het halve dorp richting Broekerhaven waar Sint en zijn Pieten ons dorp aandeden. De andere helft ging zovast op een plaatsje langs de route staan, waar de tocht voorbij zou komen. Overal hingen vlaggen uit, een feestelijk gezicht. Ik zelf heb eigenlijk 3x de grootse vertoning  meegemaakt. Eerst ging ik met gezelschap de aankomst meemaken. Is nog een hele wandeling. hoor. Daar stond ik met mijn fototoestel en een vlaggetje . Onderweg erheen kwam ik al heel wat Pieten tegen. Was de boot al  aangekomen? Was ik te laat? Ook zag ik opeens in een zijstraatje een Piet met dé schimmel klaar staan. Die kwam toch ook met de boot? “Hoe huppelt zijn paardje, het dek op en neer…..” en daar stond hij al, niet op het dek en van huppelen was ook geen sprake.

Maar ja, vorig jaar was Sint van het paard afgevallen en dat moest natuurlijk niet nog eens gebeuren. Wij staan namelijk op de nominatie de beste intocht van N. Holland te worden en dan moeten er geen akelige dingen gebeuren. Goed, er kwamen diverse boten aan, vol met zwaaiende knechten, de Sint kwam aan land, er werd luid gezongen en onze nieuwe burgemeester, een dame, deed een toespraak. Alles ging goed, denk ik, want ik was al op weg naar huis om daar op mijn gemak de complete stoet te kunnen filmen.

De tweede fase dus. En ja hoor, de diverse fanfares, de rijvereniging, de brandweer, pruttelende tractoren versierd met bloemen en pakjes, de Sint op de schimmel niet te vergeten , nou ja, een lange tocht. Ik kreeg nogal veel lekkers van de Pieten, ik heb de hele stoet gefilmd, maar het is nogal een klunzige film geworden. Bovendien kreeg ik hem niet geplaatst. Misschien lukt dat nog. Dat was dus fase twee.

En dáárna komt fase drie, waar wij altijd erg om moeten lachen. Het is hier in de Hoofdstraat mooi te volgen.  Er komt dan het een en ander losvast  wéér voorbij, maar dan de andere kant op. Een paar meisjesruiters, nu niet meer zwaaiend, een van de harmonieën, gewoon doortoeterend alsof het toch nog wel bij de show hoort, wat Pieten nu zonder pepernoten, eigenlijk alles trekt nog een keer  voorbij, als je maar lang genoeg wacht, maar slordig, niet meer feestelijk, behalve Sinterklaas dan op zijn paard. Die keert niet weer. Dat hoeft ook niet, want die kan zomaar verdwijnen, omdat hij heilig is, denk ik. *zucht* Het was een mooie dag.