Een toegift van moeder natuur

Zij geeft namelijk zomaar een extra stuk zomer cadeau, omdat zij gelukkig bijtijds inzag dat wij toch echt wat tekort gekomen waren. En nu moeten wij daar natuurlijk ook ten volle van genieten. Het zou ondankbaar zijn als we dat niet deden. Zoon b. heeft dat ook ingezien en fluks zijn reeds ingepakte tent weer uit de mottenballen gehaald en is spoorslags naar de Franse Ardennen gereden. Hij doet daar en passant een goed werk door in Charleville, geloof ik, het graf van Rimbaud te bezoeken.  En wij, Kwaster en ik? Wij lummelen gezellig zomaar wat. Kwaster wacht op zijn zelf geschreven boek, dat nu iedere minuut in de brievenbus kan vallen. Ik zal jullie daar nog alles over vertellen, maar ik moet nog even wachten. En ik? Ik ‘dar en fladder’ op allerlei manieren wat rond. Ik wandel wat in het zonnetje. Ik kom weer terug. Ik lees mijn boek uit, De Chinese knoop van Cherry Duyns. Ik heb er van genoten. Wat een verschrikkelijk mooi boek, dat ik jullie ten zeerste kan aanraden. Ik doe een heel klein strijkwerkje, n.l. Kwaster zijn nieuwe zakdoeken, die ik eerst gewassen heb. Dan ‘snut’ het beter. Ik brei nog steeds natuurlijk. Zou dat nog ooit ophouden? Straks noemen wij onze school nog Huize Breilust.

En… dit is iets nieuws. Ik doe een kleine studie insectenkunde (entomologie). Alleen de praktijk voorlopig. Ik doe dit als volgt: steeds als ik een dood insect ergens zie liggen, maak ik er een foto van, ook van de allerkleinste. En dan ga ik ze bewonderen, uh… bestuderen, bedoel ik. Ze kunnen lastig zijn, sommige insecten, maar wat zijn ze mooi !! Eéntje laat ik hier zovast zien; de rest bewaar ik nog even voor mijzelf.  Trouwens sommigen heb ik al laten zien, bedenk ik opeens.

En…?? Nou, zeggen jullie eens wat.

Een prachtige familiedag

Natuurlijk had ik mij helemaal niet druk hoeven maken, want het zijn allemaal lieve mensen, mijn aangetrouwde familie. Zelfs als ik in lompen was gekomen, zouden ze nog wat  aardigs gezegd hebben. Misschien zo iets als: “… maar al zijn het wat oudere kleren, ze stáán je geweldig, Thérèse”.   Lief hè? En het was mooi weer, ook. En we werden verwend met taart en koffie, wijn, hapjes, soep, pasta en heerlijke tiramisu toe. Het was zo gezellig dat we pas laat op huis aan gingen.  Ik plaats maar geen foto’s, want ik ben vergeten om toestemming te vragen. Alleen  van Mare en Rein, die ook genoten hebben. Bij deze wel onze buitengewoon hartelijke dank aan Noortje, Astrid, Sophie en Aart, Frans, Hélène, Frits en Ans en Anton, Merlijn, Loes  en Bjorn, Eefje, Jacques, Pauline en Joost, Aron, Linda, Mare en Rein, Marie-Louise, Divera en Cor.

Morgen familiedag

Dit is een jaarlijkse traditie geworden in Kwaster (Hans) zijn familie.  Hij komt uit een gezin van elf kinderen. Véél, hè? En u weet hoe dat gaat. De meesten gaan trouwen, krijgen kinderen en nu zijn wij, de oudere garde, al op een leeftijd waarop die kinderen veelal weer eigen kinderen hebben. Velen van hen ook al volwassen, maar er zijn ook kleintjes bij en van alles er tussenin. Het is dit keer in Haarlem, voor ons niet zo ver. Hoeveel er zullen komen, dat verschilt ieder jaar, maar een groot gezelschap wordt het sowieso. En… onze kleinkinderen en onze oudste zoon en schoondochter komen ook, gezellig. Wel ga ik straks groot toilet maken. Kwaster knipt mijn haar wat –kan hij goed, hoor- , ik ga kijken wat ik aan zal doen, zal ik mij weer eens wat opmaken misschien, maar dan moet ik niet in mijn ogen wrijven. En dan extra lekker douchen en haartjes wassen en nog zo het een en ander. Waarom dat allemaal? Vervuil ik normaliter? Loop ik anders in vodden? Hangt mijn haar er vettig en rommelig bij op gewone dagen? NEE, dat is het niet, maar de zeven zusjes van Hans zijn, nog altijd, allemaal schoonheden en dan moet je daar niet onnodig bij afsteken in ongunstige zin. Natuurlijk haal ik dat nooit van mijn leven in, maar dan heb ik toch mijn best gedaan. En dat geeft een goed gevoel, hoop ik. En och, als ik er maar eerst doorheen ben, kusjes heb gegeven en gekregen, zwager F. heb gefeliciteerd met zijn verjaardag en niks ben vergeten, dan vind ik het meestal erg leuk, hoor. Maar nog steeds heb ik van te voren een soort van plankenkoorts, niets aan te doen, ik heb dat vaak voor feesten, maar het gaat over en daarna kan ik dubbel genieten, zeg maar. Maar wat zal ik nu aandoen… en wat voor weer wordt het eigenlijk? Ach mens, maak je toch niet zo druk… als je haar maar goed zit… oei, Kwaster’s schaar zal toch niet uitschieten?

En Koos? Die blijft thuis, zowel zijn vóórdeel als zijn achterdeel.

O ja, ik lees nu van Cherry Duyns: De Chinese knoop.