Hoofdstuk 4 Het Kerstcircus

december 2012b 097Verteller:  “Geacht publiek,  zojuist heeft een kleine groep artiesten voor een grandioos optreden gezorgd , een reizend circusje dat pas in Bethlehem is aangekomen. Hoe zij nu precies hier gekomen zijn, dat weet eigenlijk niemand. Misschien zagen zij ook die grote ster of was het puur toeval?  In ieder geval waren zij meer dan welkom. En luid gejuich steeg op en Maria was nog het meest enthousiast. Een onderbreking van het alsmaar wachten op die drie trage Driekoningen. Helaas mocht de fotograaf er geen film van maken, want zo’n heilig gebeuren met Jezuske erbij, dat kan niet, dat zult u wel begrijpen. U zult dus te zijner tijd gewoon kaartjes moeten kopen, mocht men in uw woonplaats optreden. MAAR… surprise, er zijn wel foto’s van gemaakt en die mag ik u laten zien.  

december 2012b 089december 2012b 087december 2012b 088december 2012b 090december 2012b 091december 2012b 095december 2012b 096

Daar had je de clown Popovski, de vermaarde ballerina Zwaan uit de Jordaan, een Baskische vogelverschrikker, de Kok als artiest én voor het koken. En er hadden zich ook twee vrouwen bij het gezelschap gevoegd: een Brabantse boerin, die de Kleine een mandje met eieren kwam brengen. Zij werd hartelijk verwelkomd door de Kok, die al een schaapje onder de arm had, maar net over eieren stond te piekeren. En ook –het zal u verbazen- een bruid, eentje helemaal in het wit met een tule sluier, maar die zal ik nog wel voor u interviewen. Dat is echt een mooi katholiek verhaal. Maar eerst blijven we bij het circus. Natuurlijk was het eerst de beurt aan Zwaan. Jaja, er was een kleine woordenwisseling aan voorafgegaan, want de clown vond dat hij de belangrijkste ster was, maar een ballerina uit de Jordaan laat zich niet zomaar opzij schuiven. Maar pal daarna was hij aan de beurt met een ontzettend grappig babbeltje en daarna speelde hij een gevoelig wijsje op zijn geleende viool en daarna kwam Zwaan weer opgedanst. De Baskische vogelverschrikker jongleerde met stro, echt reuze knap. Hij deed dat thuis ook zo, in Baskenland om de vogels te verdrijven, maar nu was het zijn act geworden. Bijna allen gebruikten de oude stoel, die in de stal stond, zodat de kleine Jezus het goed kon zien. En die genoot, hoor. Het werd een wervelende show, zo aanstekelijk dat de boerin mee ging doen en de bruid, maar ook de dieren, de ezel en de os.

december 2012b 103december 2012b 101Zelfs de schaapjes gingen hun oude spelletje doen: schapenkontje duwen*. Het was zo gezellig dat zelfs Jezus het niet meer hield en ezeltje ging rijden. De clown speelde en danswijsje, nou ja, kijkt u maar op de foto’s. Kortom, iedereen was reuze blij en nog lang werd er doorgefeest en ook werd er een echte Kerstdis door de Kok opgediend. Morgen meer, beste lezers!”  

Even terzijde: sommige figuren had ik al in Mei geïnterviewd; misschien wilt u dit nogmaals lezen. Zie de links.

* schapenkontje duwen: een oud Heilige Land gebruik. Wie het hardste duwt, alleen met de kont, is de winnaar.

 Ballerina:  https://thereseaarts.wordpress.com/2012/05/04/hela/  of https://thereseaarts.wordpress.com/2012/05/05/hola/  of  https://thereseaarts.wordpress.com/2012/05/05/voorwoord/  of  https://thereseaarts.wordpress.com/2012/05/06/een-gesprek-met-zwaantje/  

Clowntje: https://thereseaarts.wordpress.com/2012/05/15/een-zeer-bewogen-geschiedenis/  of https://thereseaarts.wordpress.com/2012/05/13/waar-is-de-viool/

Vogelverschrikker: https://thereseaarts.wordpress.com/2012/05/23/goeie-genade/

Advertenties

Hoofdstuk 3 Een verrassing, echt waar? Ja.

Verteller: “Nou, het bleef daar dus ook alsmaar Kerstmis, zo ongeveer net als hier. Het is nu al de 5e dag. Maria en het kindje maakten het goed, alleen uh … net als vorige keer begon vooral Maria zich een beetje te vervelen. Het is ieder jaar zo hetzelfde, nietwaar? De herders waren al 3x op bezoek geweest om samen met Jozef een fikse borrel te drinken en het wachten was nu weer op de drie Koninginnen, pardon Koningen.  Het is ál man wat de klok daar slaat; ik zelf ben ook enorm blij met het herderinnetje, eindelijk een vrouwpersoon erbij. Maar goed, het is nu eenmaal zo.

december 2012a 129

Maar toen… wat hoorde Maria opeens? Een luid geroezemoes, een heleboel stemmen, onverstaanbare talen, maar ze zag niks bijzonders. Daar kwam Jozef aanlopen en riep opgewonden: “Mariaatje, daar is een circus, geloof ik, of een show of… ik weet het niet. Ik zie allemaal vreemde figuren. Er zal vast wat gebeuren, oh een verrassing in deze saaie dagen, hieperdepiep ja … ze komen hierheen, joepie!” Maria had Jozef nog nooit zo opgewonden gezien en zijzelf werd ook helemaal blij. En ook leuk voor het  kleine Jezuske, dacht zij. Hij zal er vast om kunnen lachen. En aangezien Maria reeds toen een heilige was, wachtte zij rustig af, totdat het onbekende gezelschap zich zou aandienen. En dat zult u ook moeten doen, want nu is het al te laat voor een echte voorstelling in een primitieve stal. Geen schijnwerpers zijn daar, niet eens gewoon licht. Dus misschien morgen? Nou ja, ik kan zelf ook niet anders doen dan afwachten.

 

Hoofdstuk 2 Daar is het Kindje Jezus dan

december 2012a 086

Verteller Th.:” …en het gebeurde midden in de nacht, dat het Kindje ter wereld kwam. (Nog net vóór twaalven gelukkig, want anders zouden al onze kalenders niet meer kloppen.)  Wij wachtten en wij wachtten en ik moet intussen eventjes in slaap gesukkeld zijn, want opeens was er een licht, een groot hemels licht. Boven de stal zweefde namelijk een engel en die zong helemaal in zijn eentje* : “Glo ho ho ho ho hóo (5x) …ria, in excelsis De ee o enz.”  En ja hoor, ik zag een opgeluchte Maria en een blije Jozef en dáár in de kribbe, ja hoor, daar lag het Kindeke, helemaal tevreden en nu al keek het pienter om zich heen.december 2012a 125

De tijd ging kennelijk snel, want opeens waren daar de herders ook al. Zij waren de kleine Johannes achterna gehold, want die rende als een  speer naar de stal, ontzettend nieuwsgierig naar zijn cadeautje. Gehaast groette hij een glimlachende Jezus en zocht met zijn ogen de stal af. En ja, oooooooooooooooo  wat was dat?

december 2012a 089Een schoonheid van een Oosters meisje* met lange vlechten en ogen zo helder, dat de eenvoudige herdersjongen bijna van zijn stokje ging. Kortom: liefde op het eerste gezicht.  En het was wederkerig ook nog, want zij zei gauw: “Dag kleine Johannes, mag ik jouw vriendinnetje zijn?”. De jongen wist niet wat hij hoorde en hij begon te stotteren, aldus: “J jjj jaaj ja, ikik w wil wwwel”. Nou ja, laten we die twee maar even met rust, nietwaar? Voor het grote gebeuren doen zij er niks toe natuurlijk. Maar… wat liefde ertussen, jawel, dat is altijd romantisch, vooral voor de vrouwen, die dit lezen.  Verder ging alles gewoon zoals ieder jaar. Maria stond te stralen en trots te zijn, Jozef idem dito, de os blies maar door en het werd dan ook lekker warm in de stal, de ezel blakte uh balkte, de schaapjes mekkerden en de herders waren heel beleefd en vriendelijk en gaven dingen cadeau, die zij konden missen, arm als zij waren. Iedereen was gelukkig en blij. Het was toch allemaal weer goed gegaan

……….  Zo vast wat aanwijzingen voor de spelers, die morgen hun rol moeten vervullen. “Hee, jullie daar tussen de  coulissen, nog even geduld, hè? Ja, we zijn wat verlaat vanwege alle toeristen in de stad hier. Maken jullie je  maar zo vast klaar, trek je sluier recht, zet je pinopet op, al naar gelang en repeteren, oefenen zo dat alles morgen leuk en gezellig kan worden”.  december 2012a 133

En tot het publiek sprak de vertelster: Verder mag ik nog niks verklappen. Let op, want dit wordt een zeer bijzonder feest, heel anders dan vorig jaar”.

  • De andere engelen zijn helaas nog niet gebreid, wegens oponthoud door KerstBALLEN.
  • Een nieuw figuur, is wel afgebreid. Een lief vriendinnetje, omdat voor een kleine herdersjongen het saai is alleen met oude mannen op te trekken.

Hoofdstuk 1. Onze bewondering gaat uit naar Jozef

Verteller (Thé):  “En wederom was het Kerstmis.  Alles gebeurde zoals ieder jaar. De engel kwam met de blijde boodschap, Maria trouwde snel met Jozef, die zich alwéér moest melden in Bethlehem voor een volkstelling, men ging per ezel, dit keer met een eigen dier omdat Jozef daarvoor flink gespaard had, het was opnieuw  een zeer zware tocht, langs bergen en langs dalen – weet u nog?- , tot men in Bethlehem arriveerde en Jozef nergens meer vroeg of er misschien nog plaats was, maar regelrecht en doelbewust de ezel ergens heen stuurde.  “Jozef, we hebben geluk, het is toch dezelfde stal als vorig jaar? Wat een bof…” riep Maria enthousiast. “Nee Maria, het is geen geluk, daarvoor deed ik nu die cursus; ik kan mailen en heb zo tijdig ‘onze’ stal besproken”, en hij keek supertrots naar zijn vrouw. Maria wilde net vragen hoe dat dan ging, toen zij weer een forse wee kreeg. Arme Maria hè?

december 2012a 091

Enfin, Jozef ging aan de gang, maakte een lekker bedje van stro met het dekentje erop voor Maria klaar, zuchtte ook maar een beetje mee, zette de (ook al besproken)  os in de goede blaasrichting, fluisterde het dier bemoedigend toe, bekwaam ossenfluisteraar als hij nu ook was, en meer kon hij niet doen als man, zeg maar. Jozef gaat vooruit, hè? Hij is lang niet zo’n onhandige sukkelaar meer als vorig jaar, nietwaar? Hij bond de ezel vast aan de andere kant en toen was het grote wachten begonnen. ………………………………………………………………………………………december 2012a 093……………………………………………………  Zovast enige regieaanwijzingen voor het volgende hoofdstuk waarin de herders komen.  “Staat iedereen klaar? De schapen? Ook het zwar…   waaristie?  O daar. Jij klaarstaan hee!  En alle herders, doen jullie zovast je nette kleren aan? Baarden borstelen en snorren, de doek netjes vastmaken, nee kleine Johannes, jij hebt nog geen baard, dat weet ik, ik heb trouwens een verrassing voor je, lieverd, nee, ik zeg niks, je zult het straks wel zien, als het kindje Jezus er is. Dat zal nu niet zo lang meer duren…  Nee Johannes, het is géén hond, ja het hád gekund. Nou, allemaal jullie best doen. Ik kom straks.”  En daar ging de regisseuse, tevens vertelster, fotografe en costumière. “Dat heb je met die low-budgetproducties , nietwaar? Maar ja, men moet zo nodig weer op kunst bezuinigen … Wie Johannes is? Die lieve herdersjongen, dat is toch duidelijk…”  *gaat heen, al mopperend* december 2012a 095

En ja… een klein olifantje

december 2012 165O wat ben ik heden blij… mijn hartewens is vervuld. Ik heb een klein olifantje gekregen. Weet u nog, dat ik daar laatst over schreef? Dat ik dat vroeger zo vaak aan Kwaster (Hans) vroeg, omdat die mij zo schattig leek, dat kleine olifantje dan hè, -niet Kwaster bedoelde ik, hoewel die toen ook heel schattig was-, en die dan niet meer zou groeien als u begrijpt wat ik bedoel. Ik ben wat opgewonden geraakt dus. Niet iedere dag wordt iemands hartewens vervuld toch? En kijk eens hoe lief. Met van die grote oren, een mooi slurfje en echt helemaal gebreid ook nog. En van wie kreeg ik hem dan? Van mijn lieve zoon Martijn, die heel toevallig mijn logje daarover gelezen had en nóg toevalliger dit beestje tegenkwam. Lief hè? Zoon én olifantje. Ik weet alleen nog geen naam. Ik zal er eens stevig over gaan denken bij een inspirerend en rustgevend stukje Bach.