Ssssstt… niet verklappen

blog 015Het was vandaag een ideaal weertje om te wandelen. Dát deed ik dan ook.  En al wandelend zag ik nog veel moois, niet zo gek want het is per slot nog zomer. Wel de laatste dag van augustus, mensen; morgen is het al weer 1 september. Ik liep wat te dromen en te kijken of ik wat kon fotograferen en wat zag k daar opeens?

blog 018Twee meerkoeten met piepkleine jonkies, met zo’n klein rood koppetje, een stuk of 5. Hoe is het mogelijk, nu nog? Het hoeveelste nest zal dat wel niet zijn? Ik maakte wat foto’s en liep weer door. En even verderop… nee, dat zal toch niet? Twee futen met jonkies, ook al vers uit het ei. Ze bleven te ver weg om met mijn cameraatje goed te kunnen fotograferen. Ik was stomverbaasd, dat wel. Ik denk nu –ik kan mij lichtelijk vergissen- dat wij een langere zomer zullen krijgen, een verlenging net als in de voetbal, omdat wij te kort gedaan zijn op dit gebied. Ik geloof het stellig, niet hardop zeggen, hoor, gewoon stilletjes van genieten!

blog 026

Onbenulligheden (2)

blog 001Of onbelangrijke dingen, die gewoon leuk zijn, tenminste voor mensen zoals ik en die zullen er vast meer zijn. Herinnert u zich nog van vroeger die schelpen die je in water moest leggen en waar dan langzaamaan een ‘prachtige’  bloem uitkwam? Je reinste nep en kitsch bovendien, maar ik vond het schitterend. Nu was ik laatst in een boswachterswinkel of eigenlijk in een leerzaam bezoekerscentrum, waar ook van alles verkocht wordt, want op de boswachters zal ook wel zwaar beknibbeld worden. Ik liep daar rond om een leuk cadeautje te zoeken voor iemand die toen een paar dagen voor Boeli zorgde. En wat zag ik daar opeens? Een bolletje van theebladeren, waaruit een bloem zou komen!

blog 005Gòòòòòh, dat ga ik kopen, dacht ik én eentje voor mijzelf. Spannend. En gisteren heb ik er thee van gezet. Ik vergat een foto van het wonderlijke geval te maken, toen het nog in tact was, helaas. Maar wel dacht ik eraan de camera bij de hand te hebben toen ik het ding in het theeglas kieperde. Ik moet zeggen dat het wel een lust voor het oog was, maar het ging een beetje te snel, dat wel. De thee zelf vond ik ook niet zo lekker, maar ik had toch even het gevoel van “abracadabra, hokus pokus, pilatus … PAS.

blog 003

Geef mij maar…

blog 003…  Amsterdam. Toen ik afgelopen woensdag op mijn vriendin stond te wachten, heb ik die tijd mooi benut om wat zwoegende en puffende toeristen te fotograferen. Dat gebruik ik dan later bij mijn tekeningen. U denkt toch niet dat ik dat allemaal uit mijn hoofd doe? Of dat mensen ruim een kwartier voor mij gaan stilstaan? Of dat zo’n echtpaar bijvoorbeeld wel een uur op zo’n kaart blijft turen? Nee hoor, niks daarvan, ik maak vaak gebruik van foto’s. Op de academie vroeger was dat uit den boze, maar ‘das war einmal’. Ik denk trouwens dat veel kunstenaars dat soms doen, maar vaak ontkennen zij dat. Schaamte misschien? Nou ja, moeten zij weten. Ik kom er rond voor uit. Als Boeli slaapt, doe ik het wel eens ‘naar het leven’ of buiten, want dat verandert ook niet zo snel. Maar genoeg uitgelegd, hier zijn de tekeningen van vóór het Centraal.

blog 001 blog 002

 

 

 

 

Weer eens in A’dam…

blog 025…met mijn jeugdvriendin Els. Ik was er lang niet geweest omdat ik niet goed met mijn zielige arm in de tram durfde. Maar nu moest het er maar eindelijk weer eens van komen. Ik begon lichtelijk te verzuren, almaar thuis hangende. We troffen elkaar bij wat eens het Oud-Hollands koffiehuis was. Het is nu café Loetje, geloof ik. We dronken koffie en overlegden wat we zouden gaan doen. Het werd de Albert Cuyp. Els had het een en ander aan lapjes en meer van zo iets  nodig en ik ging mee om inspiratie op te doen.  De drukte viel mee. Ik denk dat veel mensen het te warm vonden en dat was het ook.

blog 017 Maar wij deden rustig aan, dronken op zijn tijd een versgeperst sinaasappelsapje en hadden het weer heel gezellig samen. Wij voerden ook wat vertrouwelijke gesprekjes, want dat heeft een mens wel eens nodig. En wát dan? Nee, vertrouwelijk is diep geheim. Wij gingen een broodje eten bij ‘Kaassie-kaassie’ vlakbij André Hazes. Ze hebben daar volop keus, niet alleen kaassie-kaassie, hoor. En toen wij alle lapjes bekeken hadden maar niet het juiste gevonden hadden, togen wij weer richting Centraal. Helaas waren enige tramhaltes tijdelijk niet in gebruik en moesten wij in die hitte nog een knap end lopen. Toen raakten wij toch behoorlijk bezweet, ja vind je het gek? Ik werd nog knap heen en weer geschud in die tram, maar ben overeind gebleven. Wij namen hartelijk afscheid, probeerden nog een foto te maken en gingen toen beiden op eigen huis aan. Poe poe, het was warm, maar toch hadden wij een heel fijne dag samen.

 

Onbenulligheden

blog 004  Ik zal weer eens proberen wat vaker te schrijven hier. Ook al zijn het maar onbenulligheden.  Gisteren zat ik innig tevreden op de bank  met drie boeken naast mij. Ach, dacht ik, als ik twee boeken tegelijk kan lezen, waarom dan geen drie? En zo ben ik nu begonnen in een boek van A.F.Th. van der Heijden: ‘De helleveeg’. Dat is een roman, dus daar moet regelmatig in dóór gelezen worden. De Sprooksels kunnen natuurlijk best los en door elkaar gelezen worden. In ‘Jofel  Jiddisj’  -van achenebbisj tot zwansen- behandelt de schrijfster steeds in een klein hoofdstukje één woord. De bedoeling is een aantal Jiddisje woorden op prettige wijze aan de lezer voor te stellen. Klinkt goed hè? Ook dat kan, zelfs beter, los gelezen worden. Waarom ik dit doe? Omdat ik geen keuze kon maken én omdat ik een aanloop neem naar een ernstig, droevig en akelig maar heel goed boek volgens zoon Martijn. Het is nog niet eens zo’n onbenullig stukje geworden, geloof ik. Nou ja, misschien ook wel.

Monoloog

blog 002Bij ons tweeën, bij Hans en mij dus, is het zo dat ik een langzame eter ben en Hans (Kwaster) juist een snelle. Terwijl ik a.h.w. hardop denk en zo indirect mijn maatje van alles op de hoogte breng, kan hij zo tevreden dooreten. Soms gebeurt het dat ik denk:  nu gaat hij wat zeggen, want hij doet zijn mond open … *spannend*…  maar nee, hij steekt een nieuwe hap in zijn mond. Maar hij luistert wel, hoor. En nu vanochtend aan het ontbijt of bijna al aan de lunch, moest ik zo lachen. Jawel om mijzelf. NOU HET REGENT TOCH WEER, ZEG! Ik vertelde hem dat ik opeens dacht (i.v.m. mijn arm):  je zult toch maar vioolspelen en zo’n ongeluk krijgen! Want je grijpt met je linkerhand de goede noten en de viool houd je op kinhoogte –PIJPENSTELEN GEWOON–  en zo hoog kan  ik nog lang niet. De mensen zouden raar kijken als ik mijn viool helemaal naar beneden hield.  Wat zeg ik nu allemaal? Hoe kom ik erop?  Ik héb niet eens een viool, laat staan dat ik er op zou kunnen spelen, ook zonder ongeluk. Hahahaha, als ik dat nu van de piano gedacht had, want dat kán ik,  maar dat heb ik trouwens al gedacht. Kwaster glimlacht en zegt: “Dat is dan een geluk bij een ongeluk”.  Daar moet ik helemaal om lachen. U ook? Of is het wat onduidelijk? Zal ik het nog eens opnieuw vertellen?

Nog wat tekeningen uit het wat grotere schetsblok, van alles wat.

blog 021blog 023blog 020blog 024