Het vollemaansfeest 2018

Zaterdag om 6 uur zou het beginnen, het Vollemaansfeest bij onze gastheer Gerrit dat we om niet nader genoemde reden uitbundig zouden gaan vieren. Kwaster had de dag tevoren al een gedeelte van zijn inmiddels vermaarde vissalade klaargemaakt en in de koeling gezet. De volgende ochtend begon met een regentje, gevolgd door een stortbui. Heerlijk natuurlijk, maar wel vroegen wij ons af onder het voltooien van de  salade hoe het weer die avond zou zijn.

onze gastheer in djellabah

Ik zal het u zeggen: het was een heerlijk temperatuurtje, de zon scheen en veel later een prachtige maan, maar… het waaide keihard. Onze gastheer heeft bij het IJsselmeer een grote boom staan én ratelpopulieren aan de voorkant en beiden deden hun best om elkaar te overstemmen. Daarbij voegde zich het IJsselmeer met echte golven in zijn normaal gladde water.  

New-Foundländer

De musici die er waren om Gerrit  en ons allen te plezieren, konden er maar nauwelijks boven uit komen. We hebben toen de hele boel verplaatst naar een meer geluidsarme plaats. Daar klonk de muziek veel beter. Wij kregen lekkere wijn van Gerrit en iedereen had wat klaargemaakt. Bij elkaar was dit een tafel vol. Wij zagen veel oude kennissen en vrienden, wij aten een hap en namen een slok, wij zongen en praatten volop, kortom het was een heerlijke feestavond. Ik heb ontzettend genoten en Hans op zijn manier ook. Dank je wel, lieve Gerrit.

Advertenties

Une petite avonture

Aangezien wij hier te midden van huizen en winkels wonen en ik gelezen had dat je de horizon moest kunnen zien, reden Kwaster en ik naar de dijk aan het IJsselmeer. Het is een smalle dijk waar twee auto’s elkaar op sommige plekken maar kunnen passeren. Nou, wij waren niet de enigen. Er stonden heel veel auto’s en fietsen en langs de dijk zaten en stonden veel mensen in het gras. Spannend, dacht ik. “Ik zie nog helemaal niks, Hans” zei ik  “en nu moet hij op z’n mooist zijn”. Dat had ik gelezen. “Hij moet eerst boven de dijk uitkomen” stelde Kwaster mij gerust. “O ja” dacht ik, “dat is de horizon niet, maar de dijk”.

Goed, wij nestelden ons ook in het gras en gingen wachten. Achter ons kwamen steeds meer auto’s aanrijden en eentje stopte pal achter ons, midden op de dijk. Alle inzittenden stapten uit, haalden verrekijkers, statieven en grote camera’s te voorschijn. Zij leken voorlopig niet meer in te stappen. Kwaster en ik speurden intussen naar die rode maan; we keken door ons cameraatje, allerlei lichtjes in de verte maar geen maan nog te zien. Ik ging maar eens kijken bij mensen met een verrekijker bij zich. “Kijk, daar staat hij” zei een man en wees omhoog. “En daaronder Mars met de Marsmannetjes”. Ik vond de maan helemaal niet zo rood, maar Kwaster wel. Het valt mij altijd tegen, die dingen, maar het was hier ook niet zo helder.  “Zullen we dadelijk naar huis gaan, Kwaster?” vroeg ik. Kwaster keek mij aan en zei: “Hoe wil je dat doen? Kijk eens om je heen”.

 opgeleukt

Nee maar, een stilstaande file op de dijk. Door die ene auto had er niemand meer door gekund, niet de auto’s van links en ook niet die van rechts. De eerst aangekomen auto’s stonden keurig geparkeerd aan de kant, maar de anderen stonden midden op de weg, met de neuzen richting dorp en met de neuzen richting dorp af. Niemand kon voor of achteruit. “Nou, we zien jullie tegen de ochtend wel kommen” riep een opgewekte West-Fries. Ja, daar was ik ook bang voor. “Hans, er moet een regelaar komen” zei ik met een piepstem.

Maar Hans wachtte kalm af. In de verte zagen we nog meer auto’s erbij komen. Een dik uur later scheen het rustiger te worden. Wij ook konden erdoor. Hoe het zich heeft opgelost, ik zou het niet weten. “Het was toch een avontuur, Kwast” zei ik opgelucht, “une petite avonture”. Als ik gelukkig ben , praat ik wel eens Frans, haha.

Mijn eerste bundel

Ik heb mijn eerste bundel uit:  Dolf Hartkamp  Vleugels van Satie. Ik moet toegeven dat ik bij mijn keuze uit die doos gevallen was voor de titel. Ik hou namelijk erg van de componist Eric Satie en heb hem zelf ook nog gespeeld op de piano. Maar er kwam maar één gedicht over Satie in voor. In het begin vond ik de poëzie nogal tegenvallen maar gaandeweg kwam ik er steeds meer in. En nu heb ik den bundel uit. Ik zal hier één gedicht van hem plaatsen, hoewel dat misschien niet mag. Uit het gedeelte Oost-Groningen:

Badend in gele koolzaadvelden
in echt warm zonnig
gedoe van echtparen
op trotse Gazelles
bij elke pedaalslag
groeiend tot eigen hereboer

Gemeten aan de petten
de overkant of de aarzelende
avondgroet die langzaam
in rechte sloten met plastic pijpen
wordt gezegd

Durf je hier niet goed
bloot in het gras te liggen

 

Een Gloxinia

Sinds kort ben ik in het gelukkige bezit van een Gloxinia , gekregen van Hans.  Nog nooit van mijn hele leven heb ik een dergelijke plant gehad. Vroeger –in mijn kringen dan- was dat een ordinaire plant. Ik moet zeggen dat hij, de plant er toen, lang geleden, heel anders uitzag, lang niet zo mooi als dit exemplaar. Het waren toen planten die je alleen in ouderwetse huiskamers zag, voor ieder raam met gordijntjes eentje, zo in die geest. Kijk ik heb een foto van hem gemaakt én ik heb hem vandaag verpot, zodat ik hem gemakkelijker water kan geven. (Zou ik eigenlijk ZIJ moeten zeggen?  Namen die eindigen op een A zijn vrouwelijk. Ja echt waar!  Maar ja, toch zie ik hem als een HIJ.)

Met deze warmte wil hij best veel water en wat bloeit hij prachtig, niet waar? Gek is dat eigenlijk, die mode zelfs in de plantenwereld. Vroeger hadden veel vrienden altijd een parapluplant, die je heel nat moest houden. Op het moment zie ik die nergens meer. Ook waren Sanseveria’s gewoon belachelijk, maar sinds het tot zo’n leuke studentenplant is ge-upgraded, is die in de winkel ook meteen heel duur geworden.  Alles, ja alles is tegenwoordig aan mode en style enz. onderhevig, het is gewoon te gek, vind ik. Soms lees ik wel eens over iets, dat het weer MAG. Nou, dat bepalen we toch zelf, ja toch niet dan??

Poëzie…

…of gedichten. Er staat sinds gisteren een hele doos met dichtbundels in onze huiskamer. Wij zijn in onze familie allemaal zo af en toe aan het opruimen, vooral boeken. Anders groeien onze respectieve huizen dicht. En waar gaan die boeken dan heen, vraagt u zich misschien af. Altijd naar ons, beste lezers, omdat wij tot nog toe het grootste huis hebben. Men meldt welke bewaard moeten worden en welke wij zelf mogen kiezen om te lezen of naar de Kringloop mee te nemen of om in zo’n leuk kastje te zetten.  Nieuwsgierig keek ik daarnet in de doos. O jee, ik heb ze bekeken…állemaal gedichten, duizenden. Tja, poe, ik lees zelden gedichten… soms eentje, maar zeker niet een hele bundel tegelijk zoals M. Ik heb daar wel bewondering voor, hoor. Dus pal na mijn schrik én teleurstelling maakte ik meteen een goed voornemen. Ik zal ook eens te zijner tijd  én te hooi en te gras wat poëzie gaan beleven. Feitelijk heb ik er net al 4 gehad, omdat Kwaster graag eventjes voorgelezen wilde worden. Het waren korte, maar moeilijke verzen. Het zal nog een hele kluif worden, maar ik zet mijn tanden erin. Wat U?

Een ongewone zomer

Ik kan mij best vergissen, hoor. Misschien waren wel meer recente zomers zo warm en droog. Ik onthoud dat allemaal niet. Ik vind het best fijn al ga ik niet zo vaak meer als vroeger zwemmen. Ik ben zelfs nog helemaal niet geweest, eerlijk gezegd maar dat komt nog wel. Ik zon ook niet meer zo veel, maar ik geniet wel van. Wij houden het hier in de kop van N.H.  waarschijnlijk gemakkelijker vol dan in het Zuiden bijvoorbeeld. Het is hier minder warm en meestal staat er wel een fris briesje.

Ik heb nog niets hier gehoord van extra zuinig zijn met water, dus de tuin en de bloembakken krijgen geregeld water. Ik gieter en Hans (Kwaster) sproeit. Gisteravond was hij er maar eens bij gaan zitten. Het zag er zo relaxt uit, dat ik wat foto’s maakte, ook van Boeli die het altijd gezellig vindt als wij buiten komen zitten.

Wij hebben trouwens best veel in de tuin gedaan, zodat die er weer leuk uitziet. Het meeste heeft zoon Martijn gedaan feitelijk. Daar zijn we heel blij mee, want het is toch een vermoeiend werkje zeker als je wat ouder wordt. (Bij deze bedankt Martijn als je het leest) Nou mensen, geniet ervan of niet als het té gek is; probeer dan af te koelen. Ik hoor het graag.  Vertel maar op!

Sproeien

010

Alles leefde helemaal op, het Schaduwkruid, de Catalpaboompjes, nou ja, alles zeg maar. Misschien morgen nog een keer. Tenslotte is het IJsselmeer nog heel vol; ik heb het zelf gezien. Hoe staan jullie tuinen erbij, beste lezers?