Een ongewone zomer

Ik kan mij best vergissen, hoor. Misschien waren wel meer recente zomers zo warm en droog. Ik onthoud dat allemaal niet. Ik vind het best fijn al ga ik niet zo vaak meer als vroeger zwemmen. Ik ben zelfs nog helemaal niet geweest, eerlijk gezegd maar dat komt nog wel. Ik zon ook niet meer zo veel, maar ik geniet wel van. Wij houden het hier in de kop van N.H.  waarschijnlijk gemakkelijker vol dan in het Zuiden bijvoorbeeld. Het is hier minder warm en meestal staat er wel een fris briesje.

Ik heb nog niets hier gehoord van extra zuinig zijn met water, dus de tuin en de bloembakken krijgen geregeld water. Ik gieter en Hans (Kwaster) sproeit. Gisteravond was hij er maar eens bij gaan zitten. Het zag er zo relaxt uit, dat ik wat foto’s maakte, ook van Boeli die het altijd gezellig vindt als wij buiten komen zitten.

Wij hebben trouwens best veel in de tuin gedaan, zodat die er weer leuk uitziet. Het meeste heeft zoon Martijn gedaan feitelijk. Daar zijn we heel blij mee, want het is toch een vermoeiend werkje zeker als je wat ouder wordt. (Bij deze bedankt Martijn als je het leest) Nou mensen, geniet ervan of niet als het té gek is; probeer dan af te koelen. Ik hoor het graag.  Vertel maar op!

Advertenties

Sproeien

010

Alles leefde helemaal op, het Schaduwkruid, de Catalpaboompjes, nou ja, alles zeg maar. Misschien morgen nog een keer. Tenslotte is het IJsselmeer nog heel vol; ik heb het zelf gezien. Hoe staan jullie tuinen erbij, beste lezers?

 

De wonderlijke plantenwereld

Laatst was ik zo trots dat de gekregen Stephanotis weer ging bloeien en in zijn enthousiasme maakte hij nóg meer bloemen, maar… ik vergat hem ’s middags even uit de felle zon te zetten. Wij hebben door de hoge ramen in de school geen zonweingen en dan is het best moeilijk om goed voor je planten te zorgen. In ieder geval zag ik toen heel wat verkleurde gevlekte bladeren door de zon, denk ik.

Ook heb ik een heel aparte Kalanchoë. Hij leek vol met witte druiven te zitten, maar opeens zag ik een heleboel gaatjes zitten en zwarte puntjes op de vensterbank. “Zal ik hem maar weggooien, Kwaster?” vroeg ik. “Nee, zet hem maar buiten, even aankijken maar…”. Dus dat deed ik. En wonder boven wonder REEDS de volgende dag zag hij er prachtig uit, zijn zielige druifjes waren in één nacht allemaal mooi roze geworden. Hoe dat kan? Buiten krijgt hij net zoveel zon als binnen, want de tuin ligt op het zuiden. Maar ik was er blij mee.

Ik had stekken gekregen van een zgn. Bladcactus. Mij was beloofd dat hij over een tijd –niet al snel- prachtig zou gaan bloeien met bloemen die nog heerlijk ruiken ook. Maar zag ik tot mijn verbazing: hij heeft nu al een grote knop. Leuke verrassing, niet? Over de tuin zullen we het nu maar niet hebben. Ik doe mijn best en gieter ’s avonds behoorlijk wat. Het ene doet het goed, het andere minder. Goede tijden, slechte tijden, GTST zeg maar.

Update:

Uitje met zoon Martijn

Uitje met zoon Martijn     En waarheen gingen wij? Naar de dierentuin, naar Artis. Dat hadden wij al een tijdje geleden afgesproken, maar het was er tot dusver niet van gekomen. Gisteren was het zover. En ik moet u zeggen, dat wij allebei zeer genoten hebben. Martijn was er al 6 jaar niet meer geweest en hij had dus allerlei veranderingen nog niet gezien, zoals het verblijf van de jaguars en de grote vlakte mét water voor de olifanten.

 

Bovendien is een volwassen bul (mannetje)erbij gekomen, Nikolai. Die had ik zelf ook nog niet gezien, alleen op filmpjes. Ze waren nu met zijn allen bij elkaar, ma, Yindee, de kleine Sanoek en Nikolai. Het schijnt ontzettend goed te gaan, Yindee loopt voortdurend verliefd te doen, hun beider slurven kronkelen zich om elkaar heen. Sanoek vind hem aardig, zo te zien en hij is ook heel lief voor haar. Het is wat, hoor, zo’n groot dier en nog zo’n klein olifantje. Ma vindt het best, maar houdt afstand. Zij wil even haar rust. Ik interpreteer maar een end weg natuurlijk op wat ik zie, want echt verstand van olifanten heb ik niet.

We hebben ook lang staan kijken naar de drie jonge zeeleeuwen (de pups noemen ze die). Dat is ook zo leuk om te zien, hoe ze met z’n drieën spelen en proberen te zwemmen. De jongste is duidelijk nog wat kleiner, voorzchtiger en eerder moe.  Het mannetje zwemt in het rond, geregeld luid blaffend. Het lijkt op waaks zijn voor zijn jongen en/of trots op zijn vaderschap. Tenslotte kwam hij nog niet zo lang geleden naar Artis en zorgde bij zijn drie dames voor nageslacht.

Verder zagen wij nog heel veel dieren, exotische bloemen en planten en Martijn roemde de hele aanplant van Artis. Martijn is een bioloog en zijn roem telt dus echt mee. Leuk is het om samen met je zoon op stap te gaan, dat komt er niet vaak van. Dat is toch heel anders dan in een grote groep te zijn. Ik hoop dat het er weer eens van komt. We vonden het allebei een heel fijne dag.

Expo van vrienden

Zondag gingen wij naar een expositie in Berkhout (plaatsje bij Hoorn) van vrienden- kunstenaars. We hadden een uitnodiging gekregen en ik nam mij voor er nu coûte que coûte heen te gaan, want ik had onze vrienden al een hele tijd niet gezien en hun werk dus ook niet. De expo vond plaats in een heel grote bollenschuur, geen gebruikelijke ruimte voor kunst, maar toch had het wel iets bijzonders. We gingen vooral voor het werk van Menno Bauer, Jaap Beets en Juul Bögemann. Menno schildert groot en kleurrijk, Jaap tekent voornamelijk  ‘klein maar fijn’, Juul is een duizendpoot: zij maakt litho’s en etsen, zij tekent, zij maakt objecten en zij maakt ook heel bijzondere sieraden. Er deden nog meer mensen mee, maar ik heb geen foto’s van hun werk. Ik was namelijk van alles vergeten, o.a. mijn camera. Maar goed, dankzij Menno heb ik nu toch wat foto’s.

 

Foto 1 leidt ons via de was aan de lijn rechtstreeks naar de schuur waarin de tentoonstelling plaats vond. Op handige wijze was er gebruik gemaakt van de kuubkisten, die een achterwand vormden. (foto 2 en 3) .

 

Het kamerscherm met veel roze is nieuw werk van Menno. (Foto is niet scherp, ligt aan mij, sorry).  Ook heb ik een werk van Jaap gefotografeerd, ook niet duidelijk helaas, maar het is prachtig getekend met een potlood. Van Juul hing divers werk en er stond een vitrine met sieraden van haar hand,  armbanden, halssieraden en diverse ringen.

En opeens viel mijn oog op een ring, die precies bij mij paste, al zeg ik het zelf, met de kleur van mijn haar erin. Om een lang verhaal kort te maken, ik kreeg hem van mijn lieve Kwaster. Een mooie feestring, echt een artistieke jongen, zeg maar. Ik ben er reuze blij mee. We kletsten nog wat gezellig en gingen toen naar huis om de race te zien –Kwaster en zoon M. dan-  en wat gebeurde tot blijdschap van de heren? Max werd nummer één. Hè hè, het was een mooie dag.

Groene vingers

Een tijd geleden kreeg ik van echtgenoot Hans een prachtige in bloei staande plant cadeau, de zogenaamde Stephanotis. “O wat mooi Hans, maar uh… hij is wel moeilijk, hè?” “Och” zei echtgenoot, “je moet het gewoon zien als een bloemetje; dat hou je ook niet maanden goed”. Ja, dat was zo. Ik genoot van de mooie witte bloemen maar al na een weekje hield hij het voor gezien. De bloempjes vielen af en toen was het een doodgewone groene plant. Ik gaf hem geregeld water, keek af en toe of er nog wat aan zat te komen en toen dat niet kwam, vergat ik hem min of meer. Hij kreeg wel samen met de andere planten water en soms mest, hoor. En op een dag –zag ik het goed?- kwamen er nu knopjes aan of gewoon nieuwe blaadjes?

Ik wachtte af. En ja, het werden bloemknopjes en niet eentje maar nog meer. Had ik dan toch een klein beetje groene vingers? Opeens moest ik denken aan mijn schoonmoeder, lang geleden. Ik ontmoette haar voor het eerst. Wij bekeken de tuin en daarna gingen we naar de serre. “Hans, de Franciscea bloeit weer”, zei ze. “Kom maar eens kijken, Thérèse”. Ik stelde mij een prachtplant voor, maar al wat ik zag, was een sprieterig geval met één paarse bloem. Mijn schoonmoeder en Hans keken allebei bewonderend naar het ding en Hans vertelde trots wat voor een prestatie dit was. “Mama is heel goed met planten” zei hij.

Nu had ik zelf ook aardig wat planten die het goed deden, maar deze was een moeilijke, begreep ik wel. Al die jaren heb ik gedacht dat ik helaas geen groene vingers had en ook heb ik nooit een Franciscea gekocht. En nu??  Hela hola falderaldera het is mij gelukt, een moeilijke plant opnieuw in bloei te krijgen. Hoera, hoera! Later zullen mijn kinderen vast zeggen: “Mama kreeg zelfs een Stephanotis weer in bloei, met heel veel bloemen. Mooi joh!”

Bijzonder droevig bericht

De jonge goudwanggibbon is dood. Eerst was hij vermist. Massaal ging men zoeken, op hun eiland, tussen de bosjes en in het water. En toen werd hij gevonden, dood. De verzorgers zijn zwaar aangedaan en de dokter zoekt nog naar de doodsoorzaak. Ik kreeg een schok toen ik het las. Ik heb hem zien opgroeien, met zijn moeder door de takken zien zwieren, gesteund door haar achterpoot en de laatste tijd (kort geleden zag ik hem nog) zwierde hij op eigen kracht en zag er zo gezond uit als maar kan. (Zie vorig logje) Zo verdrietig is het en ook voor de moeder.  En hoe kan zo iets gebeuren of beter gezegd: wat is er gebeurd? Ik heb nog nooit gehoord van een gibbon die zomaar gevallen is…    ik moet u eerlijk zeggen dat ik er wel wat traantjes om gelaten heb. En ik zal de enige niet zijn van de vaste bezoekers…