Eindelijk hier weer een stukje

Dan kunt u  lezen hoe het momenteel met mij gaat. Ik zal u zeggen: “Het gáát… , dan een beetje beter, dan een beetje minder” Ik kan niet erg goed meer lopen, alleen kleine stukjes, want anders is het te vermoeiend. Gelukkig blijven er nog veel dingen over die ik wel kan. En ook uitgaan lukt met hulp van Hans en een rolstoel. We zijn dan ook al 2 keer naar Artis geweest, een keer naar het Rijksmuseum én naar het museum in Alkmaar. Die musea waren er tot dan toe niet van gekomen. 017
Tussendoor lees ik veel en teken en ets met plezier. U ziet dat ik mijn dagen wel doorkom. Bovendien krijg ik heel vaak visite, is wel druk, maar het doet mij ook heel goed. En KAARTEN, KAARTEN ook al in grote getale, kortom ik word zwaar in de watten gelegd, lieve mensen.
018  017
Soms heb ik het wel moeilijk, hoor, maar ja, het blijft moeilijk, nietwaar?

De drukte bijna voorbij

O wat heerlijk, nog even en de rust breekt weer aan. Voorbij al die rare feestdagen, verplichte vrolijkheid, kerstversieringen, eten en drinken en boodschappen doen en vooral bedenken wát –dat heel veel dagen-, verjaardagen, telefoontjes, mailtjes en sinds kort ook ‘apjes’ enzvoort etcetera. Ik had hier nota bene dapper geschreven dat ik het groots zou aanpakken, maar reeds de 3e of 4e dag vóór Kerst zonk mij al de moed in de schoenen. Nou ja, het is voorbij en daar ben ik blij om.

Goede voornemens heb ik niet gemaakt, U wel? Ik doe dat niet meer. Als er een goed voornemen in mij opkomt – ja, dat gebeurt wel eens- kan ik het ook op bijvoorbeeld 17 februari doen. Ik heb zo iets eens gedaan in begin september: het voornemen om een jaar lang elke dag minstens één tekening te maken en ja, ik heb het volgehouden. Daar zat ik toch mooi met meer dan 366 tekeningen (was een schrikkeljaar).   Nu heb ik ook wel vage plannen maar ik ben er nog niet helemaal uit. Maar dat geeft niks, voorlopig eerst alles maar eens kalmpjes aan doen.

Nou, kalmpjes aan? Ik had mij trouwens het bejaard zijn heel anders voorgesteld. Want ik moest bijvoorbeeld gisteren al vroeg mijn lekkere bedje uit om mij te latten prikken, iedere dag moet ik een heel eind lopen, vrijdagochtend a.s. moet ik al om half 10 bij de fysio zijn om daar weer te lopen op een band, a.s. dinsdag ook op die tijd bij de praktijkondersteunster voor diabetescontrole. Een moderne bejaarde kan het eigenlijk maar zelden rustig aan doen.

Neem nu vanochtend: ik zat al omstreeks 9 uur een lama te tekenen voor 10 minuten Schetsen.  Dat is namelijk een clubje op Face Book, waarvan ik opeens de beheerder werd. En ja, dan moet je toch een soort van goed voorbeeld geven, nietwaar? Het clubje groeit trouwens met de dag, we zitten al boven de 600 leden. Maar als u denkt dat er zoveel tekeningen voorbijkomen, nee hoor. Nou ja, gelukkig maar; het zou ook wat veel zijn.

Haha, dát was nog eens lachen

Zoals u wel of niet weet – dat kan ook- , ben ik lid en nu zelfs beheerder van de groep genaamd 10 min. Schetsen!  Het is een leuke gevarieerde groep. Sommigen beginnen pas met tekenen en er zijn er ook bij die geweldige profs zijn en alles wat daar tussen zit. Het zijn ook heel verschillende schetsen die gemaakt worden:  portretjes, mensen, modeltekeningen, landschappen, dieren en noem maar op. Laatst, toen ik net een heel vervelende dag had en ik nogal treurig was geworden, keek ik plichtsgetrouw naar de pagina, of zich nog nieuwe leden aangemeld hadden en of er nog nieuwe tekeningen geplaatst waren. En toen zag ik het volgende:


Thieu Dujardin: Een paard! Makkelijk, hij staat daar maar niets te doen en is mooi.
Thérèse Aarts: Een prettig model dus. Mooie tekening Thieu!
Hans Christiaan de Vries: Mooie tekening Thieu Dujardin, maar een paard staat nooit “niets te doen”. Het paard houdt zijn omgeving nauwlettend in de gaten en probeert na te denken over het leven als paard.
Nou, beste lezers, daar moest ik toch zo verschrikkelijk om lachen. En soms nog steeds, haha!

 

 

Waar blijft de tijd?

Er is een klimaatverandering op komst –dat weet iedereen- maar de laatste tijd vraag ik mij af of het mogelijk is dat er ook een tijdverandering  bezig is. Zo heb ik een logje geschreven over een fijn weekend, zo is het al bijna een week verder en nú, donderdag, is het al weer bijna zo ver. En in die tussentijd heb ik niks geschreven. Wát heb ik eigenlijk wél gedaan? Wat huishoudelijke dingessen, maar dat mag geen naam hebben. Gelezen, het boek Job van Josef Roth, heel mooi, een aanrader. Ik was met KwasterHans in Amsterdam om wat verfbenodigdheden te kopen. Ik heb wat getekend, maar ook al niet veel. Ik heb vaak gewandeld en foto’s gemaakt, dat neemt tijd,  bij mij dan.En verder? Ik zou het niet meer weten. Het komt erop neer, dat ik steeds minder doe op een dag en daarom denk ik zo maar dat de tijd harder gaat. O ja, een collega/vriendin Floor M. kwam een ets bij mij kopen voor haar zoon en natuurlijk hebben we meer etsen bekeken en nog gezellig gekletst. Maar…die middag was ook al zo voorbij. Zie je nu wel dat de tijd sneller gaat dan vroeger? Neem nu onze schilder die ons beloofd had de buitenboel af te komen schilderen in maart en volgens mij is het nu mei en nog steeds geen schilder.  Daarom belde ik hem maar eens. “Ja, er kwam wat tussen, weet u wat, even kijken m… mmm…, ja, ik kom de eerste of tweede week van juni”. “Echt waar?” vroeg ik ongelovig. “Dan ziet u mij verschijnen, mevrouw” beloofde hij. Dat kan dan wel wezen en ik moet hem wel geloven, hoewel… maar toen ik het gesprek beëindigd had, dacht ik: waar zijn dan die maanden gebleven???  Te weten maart, april én mei, die al bijna om is. Zien jullie nu dat de tijd vliegt? Die schilder weet ook vast niet meer wat hij allemaal uitgespookt heeft en zo zal het met de timmerman ook gegaan zijn, vermoed ik. Dat jullie nog aan bloggen toekomen en sommigen nog wel iedere dag, dat mag wel een wonder heten… Maar misschien gaat de tijd in Zeeland (Ria), Friesland (Wieneke) en Groningen (ReneSmurf) wel langzamer. Het is daar tenslotte ook rustiger en kalmer en minder stress enzo. Maar ja, ik blijf toch lekker in Noord Holland wonen, hoor. Tenslotte is het overal wát, nietwaar?

De zomer nadert…

Gisteravond zat ik heerlijk wat te lezen.  Een boek van Tommy Wieringa: ‘Ga niet naar zee’.  Een prettig boek.  Ik had eerst wat in de krant gekeken maar dat is beter van niet, denk ik. Je wordt maar bang van de toestand in de wereld en ik wil nu juist genieten van de lente en de zomer. Het was nog een heerlijk temperatuurtje en er stonden nog twee ramen open.

Opeens vliegt er iets geels langs mij: een mot of een vlinder? Ik denk een verdwaalde vlinder. Is iemand hier onder de lezers een kenner? En zo ja, wat voor eentje is het, denkt u?  Ik werd er helemaal blij van: zo’n mooi geel fladderend beessie die zich door ons liet bewonderen. Ja, het is toch een stukje natuur in je huiskamer. Daarna kwamen er nog andere kleine vliegjes, van klein tot héél klein. Ik liet de ramen mooi openstaan, want ik was benieuwd wat er nog meer zou komen.

En ja… er kwam iets groters aan, iets vliesvleugeligs, zeg maar. Ik kon hem niet fotograferen, want hij (of zij) zoefde zo snel in het rond. Vanochtend vond ik hem, liggend op de grond, met zijn lange poten helemaal in de war. Het arme dier. Al die haast is nooit goed, dat heb ik laatst zelf ook ondervonden. Op dat bruggetje, weet u nog wel? Misschien heeft hij ook wel geschaafde knietjes… ik kan het niet zien. Maar hij bewoog niet meer, dus een pleister plakken zal niet meer nodig zijn.  Maar misschien heeft hij toch nog een jolig leven gehad, laten we het hopen.

Een klein optochtje

Gisteren waren we in Enkhuizen om een boodschapje te doen en plotseling hoorden wij in de verte muziek . Zou hier sprake zijn van Carnaval? Jawel, er stond iemand te wijzen dat wij naar links moesten, niet rechtdoor, want daar kwam een stoet aan. Zoon Martijn was zo slim om onmiddellijk zijn camera te pakken en maakte deze foto’s. Het bleek  maar een klein stoetje te zijn, in feite het kleinste Carnavalsoptochtje dat ik ooit gezien heb. Nu ben ik van oorsprong een Brabantse, dus ik heb veel heel grote stoeten gezien, zelfs zo groot dat zij ergens in de stad bleven steken. Maar toch was ik heel blij zomaar onverwacht dit stoetje gezien te hebben.  Ze hadden hun best gedaan, het was mooi weer en men toeterde er lustig op los.

‘Een HOEFTNIXDAG’

Een  ‘HOEFTNIXDAG  Weet u wat dat is? Nee? Aan het eind van dit verhaaltje snapt u het helemaal. Ik had er zomaar gisteren zo één. Ik was een beetje laat opgestaan, ik nam een klein ontbijtje en ik begon alvast in een spiksplinternieuw boek. Een heerlijk begin van de dag. En dat voelde zo lekker, dat ik dacht: zou ik dat niet de hele dag mogen van mijzelf? Lezen, lezen, nu eens in het ene boek dan weer in het andere. De laatste tijd krijg ik wel eens zomaar slaap, beste lezers.  Dat zal de leeftijd zijn, denk ik dan en ga ik er tegen vechten. Maar nu –gisteren dus-  gaf ik er gewoon aan toe. Dat was ook al zo lekker. Dan werd ik wakker zonder enig schuldgevoel en las weer verder. En de afwas? Nou, laat die maar lekker staan!! Voor de frisse neus maakte ik wel even een wandelingetje en zakte bij terugkomst met dubbel plezier in mijn hoekje op de bank.  *gesnurk*

 

Kwaster vond het er zo aantrekkelijk uitzien dat hij hetzelfde kwam ‘doen’, een beetje nix, een puzzeltje maken, een muziekje lezen, een tijdschriftje doorbladeren, een hoofdstukje boek lezen en … een tukkie doen.  *snurk snurk*

 

Wilt u het ook graag eens proberen? Ik zal u wat tips geven. a. Je moet zo iets niet vooruit plannen, het overkomt je. b. Je zoekt je eigen lievelingsluiïgheden uit, niet die van mij dus. c. Degenen die nog moeten werken, kunnen het op een vakantiedag doen natuurlijk. Heerlijk midden op de camping gaan zitten, zodat je in alle rust (haha)  alle bedrijvigheid vanuit je stoel ongegeneerd kunt bekijken. Men komt dan geheid een praatje met je maken, tenminste ik had het er maar druk mee. Wordt het je te veel, ga dan lekker in je tent op je bedje liggen en doe de rits dicht van de slaapcabine. Roept men je toch (ja, heel onbeleefd) geen antwoord geven, desnoods alleen een snurkje.