Prachtig einde boekenweek    

 

Na lang denken waar wij met de trein allemaal heen konden én wat wij alle drie leuk vonden –pa, ma en zoon Martijn- gingen wij gewoon naar Artis. Het zou heel mooi weer worden en dát gaf de doorslag. Ik gooide thuis nog mijn vest uit en deed mijn zomerjack aan, veel te optimistisch natuurlijk weer. We waren heel vroeg weggegaan en heel de ochtend was het nogal fris en stond er een koud windje. Pas ’s middags werd het wat warmer en zonniger. Maar toen werden wij al een beetje moe. Ja, wie gaat er ook zo vroeg op pad? Het was niet mijn idee, dat snapt u wel.

Maar goed, er zijn verblijven daar waar het lekker warm is, het reptielenhuis en de vlindertuin bijvoorbeeld. Het was voor het eerst dat ik die warmte echt waardeerde.

We bekeken veel dingen waar ik normaal niet zo vaak kom, maar die zoon M. waardeert, het Insectuarium en het Aquarium. Zo was het een mooi maar ander bezoek dan ik gewend ben en dat is natuurlijk ook wel eens goed. Die beesten zitten er per slot ook niet voor Jan Joker. En als je die verhalen bij de insecten gaat lezen, is dat een vreselijk gevaarlijke wereld. Men vecht en knokt, men spuugt gif naar elkaar, maden vreten een ander dier van binnen leeg om zelf groot te worden en dat doen ze zo slim dat ze de belangrijkste organen zo lang mogelijk in tact laten…akelig hè? Ik ben helemaal verbaasd dat er nog insecten over zijn gebleven. Enfin, het was een mooie dag, leerzaam ook en het is gezellig zo met z’n drieën op stap te zijn.

 

Advertenties

Indische pracht

Gisteren was ik in het Westfries Museum in Hoorn. Ik had gelezen dat daar een fototentoonstelling was van de Indonesische flora en ik zag één foto, zo prachtg, dat ik er wel heen MOEST. En was de rest ook zo mooi, was het de moeite?

Ja, het was nog veel mooier dan ik mij had kunnen voorstellen. De fotograaf Dennis A-Tjak is al heel lang bezig met dit project,

Hij heeft veel foto’s gemaakt in de Hortus In Leiden en in die van Amsterdam, maar ook is hij naar Indonesië gereisd. Daar fotografeerde hij in de Hortus op Java, de oudste en meest vooraanstaande van het land en op Bali. Wat mij het meeste boeide, is dat hij niet alleen prachtige realistische bloemen en planten laat zien, maar ook vrije verwerkingen daarvan. Ik keek mijn ogen uit. Als u eens iets echt prachtigs zou willen zien, ga dan naar Hoorn en verlustig u aan deze tropische schoonheid.

Dat was best lang …

Dat was best lang geleden …  …dat ik in Artis was. Eerst zaten we in de hittegolf –en die duurde en duurde – waardoor ik geen zin had in een nóg warmer Amsterdam te vertoeven. Maar goed, gisteren was ik er dan toch weer. Het was een prachtige dag, met ideaal weer.

Eerst ging ik maar naar de leeuwen om de dames daar te condoleren met het verlies van Caesar. Het naarste kan je maar zo gauw mogelijk achter de rug hebben. En ja hoor, het zag er triest uit. De twee leeuwinnen lagen bijna onzichtbaar achter de struiken, waardoor het terras een lege indruk maakte. Er was een prikbord neergezet, waarop de kinderen tekeningen en briefjes konden plaatsen. Ja, die zijn ook gewend dat geweldige beest daar altijd te zien. Caesar is 20 jaar geworden, wat oud is voor een leeuw, zegt men.

Daarna ging ik naar de olifanten en daar ging alles goed. Olifant Dindee is zwaar verliefd op Nikolai en hij op haar, zo te zien. Ze draaien steeds met hun slurven om elkaar heen. Zij hebben in dat puntje van hun slurven meer gevoel dan wij in onze vingertoppen, las ik. Eigenlijk zijn wij maar onbeholpen snuiters, lijkt mij, maar dat terzijde. Ma Olifant houdt zich wat terzijde, een beetje van ‘aan mijn lijf geen polonaise, makker’.  Dat maakt de kleine Sanoek wat onzeker, want zij vindt die kanjer Nikolai ook erg leuk. Zij draaft dan ook van de een naar de ander en stoort iedere keer het verliefde paar. Maar olifanten zijn heel geduldig met kleintjes want de veiligheid van de kudde staat altijd voorop. Mooi, hè? Ze hebben mijn sympathie, die goeie lobbesen.

En…ik heb het kleine gorillaatje gezien, die door zijn moeder in Duitsland verstoten was, weet u wel? Nou, het gaat goed. Zij speelt en dolt volop met twee jonge mannelijke gorilla’s, die haar tevens ook wat bescherming bieden. Voor ‘de grote baas’ heeft zij het nodige respect en als zij het even vergeet, gaat één van de jongens beschermend vóór haar staan.

(Voor Bertie)

Wordt vervolgd…

Een Gloxinia

Sinds kort ben ik in het gelukkige bezit van een Gloxinia , gekregen van Hans.  Nog nooit van mijn hele leven heb ik een dergelijke plant gehad. Vroeger –in mijn kringen dan- was dat een ordinaire plant. Ik moet zeggen dat hij, de plant er toen, lang geleden, heel anders uitzag, lang niet zo mooi als dit exemplaar. Het waren toen planten die je alleen in ouderwetse huiskamers zag, voor ieder raam met gordijntjes eentje, zo in die geest. Kijk ik heb een foto van hem gemaakt én ik heb hem vandaag verpot, zodat ik hem gemakkelijker water kan geven. (Zou ik eigenlijk ZIJ moeten zeggen?  Namen die eindigen op een A zijn vrouwelijk. Ja echt waar!  Maar ja, toch zie ik hem als een HIJ.)

Met deze warmte wil hij best veel water en wat bloeit hij prachtig, niet waar? Gek is dat eigenlijk, die mode zelfs in de plantenwereld. Vroeger hadden veel vrienden altijd een parapluplant, die je heel nat moest houden. Op het moment zie ik die nergens meer. Ook waren Sanseveria’s gewoon belachelijk, maar sinds het tot zo’n leuke studentenplant is ge-upgraded, is die in de winkel ook meteen heel duur geworden.  Alles, ja alles is tegenwoordig aan mode en style enz. onderhevig, het is gewoon te gek, vind ik. Soms lees ik wel eens over iets, dat het weer MAG. Nou, dat bepalen we toch zelf, ja toch niet dan??

Een ongewone zomer

Ik kan mij best vergissen, hoor. Misschien waren wel meer recente zomers zo warm en droog. Ik onthoud dat allemaal niet. Ik vind het best fijn al ga ik niet zo vaak meer als vroeger zwemmen. Ik ben zelfs nog helemaal niet geweest, eerlijk gezegd maar dat komt nog wel. Ik zon ook niet meer zo veel, maar ik geniet wel van. Wij houden het hier in de kop van N.H.  waarschijnlijk gemakkelijker vol dan in het Zuiden bijvoorbeeld. Het is hier minder warm en meestal staat er wel een fris briesje.

Ik heb nog niets hier gehoord van extra zuinig zijn met water, dus de tuin en de bloembakken krijgen geregeld water. Ik gieter en Hans (Kwaster) sproeit. Gisteravond was hij er maar eens bij gaan zitten. Het zag er zo relaxt uit, dat ik wat foto’s maakte, ook van Boeli die het altijd gezellig vindt als wij buiten komen zitten.

Wij hebben trouwens best veel in de tuin gedaan, zodat die er weer leuk uitziet. Het meeste heeft zoon Martijn gedaan feitelijk. Daar zijn we heel blij mee, want het is toch een vermoeiend werkje zeker als je wat ouder wordt. (Bij deze bedankt Martijn als je het leest) Nou mensen, geniet ervan of niet als het té gek is; probeer dan af te koelen. Ik hoor het graag.  Vertel maar op!

De wonderlijke plantenwereld

Laatst was ik zo trots dat de gekregen Stephanotis weer ging bloeien en in zijn enthousiasme maakte hij nóg meer bloemen, maar… ik vergat hem ’s middags even uit de felle zon te zetten. Wij hebben door de hoge ramen in de school geen zonweingen en dan is het best moeilijk om goed voor je planten te zorgen. In ieder geval zag ik toen heel wat verkleurde gevlekte bladeren door de zon, denk ik.

Ook heb ik een heel aparte Kalanchoë. Hij leek vol met witte druiven te zitten, maar opeens zag ik een heleboel gaatjes zitten en zwarte puntjes op de vensterbank. “Zal ik hem maar weggooien, Kwaster?” vroeg ik. “Nee, zet hem maar buiten, even aankijken maar…”. Dus dat deed ik. En wonder boven wonder REEDS de volgende dag zag hij er prachtig uit, zijn zielige druifjes waren in één nacht allemaal mooi roze geworden. Hoe dat kan? Buiten krijgt hij net zoveel zon als binnen, want de tuin ligt op het zuiden. Maar ik was er blij mee.

Ik had stekken gekregen van een zgn. Bladcactus. Mij was beloofd dat hij over een tijd –niet al snel- prachtig zou gaan bloeien met bloemen die nog heerlijk ruiken ook. Maar zag ik tot mijn verbazing: hij heeft nu al een grote knop. Leuke verrassing, niet? Over de tuin zullen we het nu maar niet hebben. Ik doe mijn best en gieter ’s avonds behoorlijk wat. Het ene doet het goed, het andere minder. Goede tijden, slechte tijden, GTST zeg maar.

Update:

Groene vingers

Een tijd geleden kreeg ik van echtgenoot Hans een prachtige in bloei staande plant cadeau, de zogenaamde Stephanotis. “O wat mooi Hans, maar uh… hij is wel moeilijk, hè?” “Och” zei echtgenoot, “je moet het gewoon zien als een bloemetje; dat hou je ook niet maanden goed”. Ja, dat was zo. Ik genoot van de mooie witte bloemen maar al na een weekje hield hij het voor gezien. De bloempjes vielen af en toen was het een doodgewone groene plant. Ik gaf hem geregeld water, keek af en toe of er nog wat aan zat te komen en toen dat niet kwam, vergat ik hem min of meer. Hij kreeg wel samen met de andere planten water en soms mest, hoor. En op een dag –zag ik het goed?- kwamen er nu knopjes aan of gewoon nieuwe blaadjes?

Ik wachtte af. En ja, het werden bloemknopjes en niet eentje maar nog meer. Had ik dan toch een klein beetje groene vingers? Opeens moest ik denken aan mijn schoonmoeder, lang geleden. Ik ontmoette haar voor het eerst. Wij bekeken de tuin en daarna gingen we naar de serre. “Hans, de Franciscea bloeit weer”, zei ze. “Kom maar eens kijken, Thérèse”. Ik stelde mij een prachtplant voor, maar al wat ik zag, was een sprieterig geval met één paarse bloem. Mijn schoonmoeder en Hans keken allebei bewonderend naar het ding en Hans vertelde trots wat voor een prestatie dit was. “Mama is heel goed met planten” zei hij.

Nu had ik zelf ook aardig wat planten die het goed deden, maar deze was een moeilijke, begreep ik wel. Al die jaren heb ik gedacht dat ik helaas geen groene vingers had en ook heb ik nooit een Franciscea gekocht. En nu??  Hela hola falderaldera het is mij gelukt, een moeilijke plant opnieuw in bloei te krijgen. Hoera, hoera! Later zullen mijn kinderen vast zeggen: “Mama kreeg zelfs een Stephanotis weer in bloei, met heel veel bloemen. Mooi joh!”