Prachtig einde boekenweek    

 

Na lang denken waar wij met de trein allemaal heen konden én wat wij alle drie leuk vonden –pa, ma en zoon Martijn- gingen wij gewoon naar Artis. Het zou heel mooi weer worden en dát gaf de doorslag. Ik gooide thuis nog mijn vest uit en deed mijn zomerjack aan, veel te optimistisch natuurlijk weer. We waren heel vroeg weggegaan en heel de ochtend was het nogal fris en stond er een koud windje. Pas ’s middags werd het wat warmer en zonniger. Maar toen werden wij al een beetje moe. Ja, wie gaat er ook zo vroeg op pad? Het was niet mijn idee, dat snapt u wel.

Maar goed, er zijn verblijven daar waar het lekker warm is, het reptielenhuis en de vlindertuin bijvoorbeeld. Het was voor het eerst dat ik die warmte echt waardeerde.

We bekeken veel dingen waar ik normaal niet zo vaak kom, maar die zoon M. waardeert, het Insectuarium en het Aquarium. Zo was het een mooi maar ander bezoek dan ik gewend ben en dat is natuurlijk ook wel eens goed. Die beesten zitten er per slot ook niet voor Jan Joker. En als je die verhalen bij de insecten gaat lezen, is dat een vreselijk gevaarlijke wereld. Men vecht en knokt, men spuugt gif naar elkaar, maden vreten een ander dier van binnen leeg om zelf groot te worden en dat doen ze zo slim dat ze de belangrijkste organen zo lang mogelijk in tact laten…akelig hè? Ik ben helemaal verbaasd dat er nog insecten over zijn gebleven. Enfin, het was een mooie dag, leerzaam ook en het is gezellig zo met z’n drieën op stap te zijn.

 

Advertenties

De boekenweek

Weet u wat ik het leukste vind aan de boekenweek? Dat je bij aankoop van … helemaal gratis met de trein door het héle land mag reizen. Andere mensen vinden dit kennelijk ook, want je ziet er veel ook daadwerkelijk zitten lezen in het boekenweekgeschenk. Eerst deed ik het alleen, dat treinen; nu krijg ik wel eens een man of een zoon mee. Dat maakt het extra feestelijk. Maar dit jaar heb ik mij vreselijk vergist. Ik zag in mijn agenda START BOEKENWEEK staan zaterdag 23.

Ik ging vrijdag naar de boekhandel en kocht zowaar TWEE boeken: a. omdat ik ze allebei graag wilde hebben en geen keus kon maken  b. voor mijn eventuele medereiziger. Zo, dacht ik, ons kan niks gebeuren;  we gaan morgen gezellig met de trein ergens heen. “Het liefst ga ik naar Den Bosch, naar de tentoonstelling van Jan Sluiters” zei zoon Martijn. Ja, daar had ik ook wel zin in en Hans ook al.  Wij keken wat televisie en verheugden ons op onze reis morgen. . Om ongeveer half 12 keek ik toevallig op de kaartjes in het boekenweekgeschenk en wat zie ik? Pas volgende week zondag is het feestelijk gebeuren. Zouden wij een hoge boete gekregen hebben als wij op de verkeerde dag ingestapt waren? Ik vrees van wel. Maar goed, wij ontdekten het op tijd en omdat wij er zo’n zin in hadden, gingen wij tóch, maar dan met de auto. Wij hadden een heerlijke dag daar in dat mooie Den Bosch en wat zo leuk is? Wij hebben nu nóg een boekenweek te goed met treinreis!   Hahaha, dat zouden we ieder jaar moeten doen, vind ik. Het begin van een mooie traditie is nooit weg. En men moet het ijzer smeden als het heet is, toch?

Een drukke week

Een drukke week,  aangezien ik steeds twee maal naar de fysiotherapeute moet om op een loopband te gaan lopen zonder ook maar één meter vooruit te komen, wel een half uur lang.

Een drukke week omdat ik al om half 9 bij de pedicure moest zijn, in alle vroegte, zeg maar. Ik ben van nature geen ochtendmens, zoals u zult begrijpen.

Een drukke week, omdat onze kleinkinderen kwamen logeren. Wij gingen met ze naar de dierentuin in Tuitjenhorn. Het regende die dag gelukkig niet, maar er stak wel een frisse wind op. We hebben alle dieren gezien en veel foto’s gemaakt. We hebben warme chocolademelk gedronken, Rein en Mare mét slagroom. Rein had het zo fijntjes aangekondigd: “Mochten ze toevallig vragen of ik er slagroom bij wil, zeg dan maar ja en Mare ook, denk ik, Opa”. Een slim jochie.

**

Verder hebben ze veel geknutseld en kwam aldus mijn pas aangelegde knutseldoos**  heel goed van pas. Ook hebben ze enthousiast en veel  getekend. Ik zal hier er wat van laten zien.

Ook hebben ze naar Ajax – Benfica gekeken en omdat ze nu allebei op voetballen zitten, leverden ze er deskundig commentaar bij, wat heel leuk voor Opa was. Zo vloog de tijd voorbij. Ik heb weinig voor mijzelf kunnen doen en dat is wel raar, hoor. Maar het was wel gezellig.

** Alles wat ik tegenkom en wat bruikbaar kan zijn, doe ik tegenwoordig in een grote doos en het moet zo raar niet lopen, of ik heb het. Kantjes en bandjes, verf en lijm, eierdozen, allerlei papieren, nou ja, werkelijk van alles. Zo, ik ben weer bij en u? Heeft u zich wel vermaakt de vorige week??

  1. Mare. 2.Rein 3 Mare  4 Rein

Het Zuiden roept … 3.

Aan ons ontbijt vroeg ik aan Hans:  “Wat zullen we gaan doen op onze laatste dag? Zullen we de rest van het van Abbe museum gaan bekijken? Zo vaak komen we niet in Eindhoven. Of eerst nog wat wandelen in een ander stuk bos?”  Hans hoefde al niet meer na te denken. Hij lachte geheimzinnig. “Nee Hans, we gaan nog niet naar huis. We hebben nog een hele dag! “ Hij lachte nog ondeugender en zei: “Je zult het misschien gek vinden, maar ik zou het liefst naar Jip en Janneke gaan kijken”. Nou, dat had ik inderdaad niet gedacht. “Heel leuk Hans, wil ik ook. Weer naar Zaltbommel!”

We waren snel ingepakt en gingen op weg. En al gauw waren wij ter plekke. Wij parkeerden de auto aan de Waal en bewonderden de allernieuwste brug. Daarna liepen wij het stadje in. Het begon met een beetje pech, want het Stadskasteel (museum) ging pas om 1 uur open, onze IJsmeneer was ook nog dicht, maar “de kerk is open” zei Hans opgetogen. Hij heeft iets met kerken vooral sinds hij een boek geschreven heeft over zijn overgrootpa, een kunstschilder,  die veel voor neogotische kerken geschilderd heeft. Wij gingen dus naar binnen en daar was iets aan de gang met groente en fruit, alles bio en gezond, dat soort dingen. Overal lagen pakken stro om het landelijk te maken. Hans kon toch de kerk nog wel bekijken, al vond hij dat gedoe wel raar en ik ging daar maar eens een rondje maken. Ook die markt of wat het ook voorstelde, was eigenlijk nog niet open.

Men was nog druk aan het inrichten, maar goed, toen wij alles gezien hadden gingen wij naar het grote Stadskasteel, vooral voor Fiep moet ik zeggen. En Fiep wás leuk. Het was niet zo’n grote expo, maar wel reuze gezellig.

Wij zagen ook Fiep haar tekenbureau, krijtjes en pennen. Ik begon mijn eigen Fiepverzameling weer meer te waarderen. Daarna liepen wij de tuin nog rond en dronken wat fris. En toen was het afgelopen; we gingen naar huis. We hadden prachtige dagen gehad, Hans evengoed, hoor.  Een romantische mini-huwelijksreis, zo voelde ik het. Dag dag.

Het Zuiden roept … 2.

Enfin, daar waren wij nog in Zaltbommel, terwijl wij naar Eindhoven moesten. “Misschien dat wij dat alles op de terugweg komen bekijken” zeiden wij. Goed, op naar Eindhoven dus en wel naar het van Abbemuseum. Dat was wel even zoeken maar we kwamen er.

Door een passage, langs een kerk en ja hoor. Wij zagen daar een tentoonstelling van mensen die in de loop van 30 jaar een prijs van Heineken hadden gekregen. Ik heb maar  wat uitgekozen wat op mij de meeste indruk maakte.

Schilderijen van Matthijs Röling en hele grote kleurige ceramiek bakken van …de naam weet ik niet meer.Er waren veel prachtige dingen bij, maar ik kan natuurlijk niet alles laten zien. ’s Avonds stond er een diner voor ons klaar en de volgende dag ook al. Het is een zaligheid daar niet over na  te hoeven denken, een luxe ook. De volgende dag gingen wij een grote wandeling maken. Vanuit ons hotel konden wij zo het bos in.

En laat het nu precies zo’n heerlijk Brabants bos zijn, waarover ik al schreef in het vorige stuk. Ik heb een heleboel foto’s gemaakt, maar ik moet een keus maken. Hier zijn ze dan. Morgen beschrijf ik de laatste dag. Wat gaat de tijd toch snel voorbij, als je het fijn hebt.

Dat was best lang …

Dat was best lang geleden …  …dat ik in Artis was. Eerst zaten we in de hittegolf –en die duurde en duurde – waardoor ik geen zin had in een nóg warmer Amsterdam te vertoeven. Maar goed, gisteren was ik er dan toch weer. Het was een prachtige dag, met ideaal weer.

Eerst ging ik maar naar de leeuwen om de dames daar te condoleren met het verlies van Caesar. Het naarste kan je maar zo gauw mogelijk achter de rug hebben. En ja hoor, het zag er triest uit. De twee leeuwinnen lagen bijna onzichtbaar achter de struiken, waardoor het terras een lege indruk maakte. Er was een prikbord neergezet, waarop de kinderen tekeningen en briefjes konden plaatsen. Ja, die zijn ook gewend dat geweldige beest daar altijd te zien. Caesar is 20 jaar geworden, wat oud is voor een leeuw, zegt men.

Daarna ging ik naar de olifanten en daar ging alles goed. Olifant Dindee is zwaar verliefd op Nikolai en hij op haar, zo te zien. Ze draaien steeds met hun slurven om elkaar heen. Zij hebben in dat puntje van hun slurven meer gevoel dan wij in onze vingertoppen, las ik. Eigenlijk zijn wij maar onbeholpen snuiters, lijkt mij, maar dat terzijde. Ma Olifant houdt zich wat terzijde, een beetje van ‘aan mijn lijf geen polonaise, makker’.  Dat maakt de kleine Sanoek wat onzeker, want zij vindt die kanjer Nikolai ook erg leuk. Zij draaft dan ook van de een naar de ander en stoort iedere keer het verliefde paar. Maar olifanten zijn heel geduldig met kleintjes want de veiligheid van de kudde staat altijd voorop. Mooi, hè? Ze hebben mijn sympathie, die goeie lobbesen.

En…ik heb het kleine gorillaatje gezien, die door zijn moeder in Duitsland verstoten was, weet u wel? Nou, het gaat goed. Zij speelt en dolt volop met twee jonge mannelijke gorilla’s, die haar tevens ook wat bescherming bieden. Voor ‘de grote baas’ heeft zij het nodige respect en als zij het even vergeet, gaat één van de jongens beschermend vóór haar staan.

(Voor Bertie)

Wordt vervolgd…

Weer in Artis

Eindelijk was ik weer eens in Artis, afgelopen vrijdag. Ik was die ochtend naar de trein gesneld toen ik zag hoe het zonnetje scheen. Het was prachtig mooi weer, niet té warm en het blééf de hele dag zeer aangenaam.  Het was er dan ook best druk, maar dat kan mij niet schelen. Ik heb immers de hele dag de tijd, nietwaar?

Ik heb de lepelaarskuikens gezien, hoog in het nest. Er was iets aan het gebeuren bij de olifanten, want die stonden in hun oude behuizing zeer tegen de zin van Ma, die boos stond te stampen bij het hek. Vandaag zag ik dat het was voor de olifantenbul die inmiddels is aangekomen. Voorlopig blijft hij nog apart staan, las ik in de Nieuwsbrief van Artis. Ik had het geluk de twee jonge zeeleeuwen te zien. Zo leuk dat onbeholpen gedoe. Ze kunnen namelijk niet meteen zwemmen, maar waren wel bezig samen aan de kant wat te proberen. Pa zwom luid blaffend rond en echt: het klonk zo trots. De kleine gibbon kan al geweldig slingeren door de bomen en heeft nog maar af en toe hulp van zijn moeder nodig. De tuin staat weer vol met eetbare gewassen, die aan de plantenetende dieren gevoerd worden, dus verser kan het niet. Ik zag het zwarte rammetje in de kinderboerderij. Het is een beetje mijn lievelingsbeestje. Hij loopt er zo bescheiden rond in tegenstelling tot die brutale geiten. Nou ja, die zijn ook wel leuk, hoor, maar ze moeten niet aan mijn tas knagen. Kortom, ik heb genoten en massa’s foto’s gemaakt.

Het filmpje van de zeeleeuwen zet ik op Facebook, want ik krijg het niet op mijn weblog geplaatst. (Ik zal het later nog wel eens proberen, voorlopig kunnen de meesten dáár kijken)  Tevreden en wel met vermoeide voeten ging ik weer naar het station. Bijna stapte ik dit keer in de trein naar Den Helder, maar zag het gelukkig op tijd. Verwarrend is dat als hij aan een andere kant stopt dan je gewend bent, maar… er was wederom een behulpzaam persoon met een smartphone, die mij vertelde aan welke kant mijn volgende trein kwam. De vorige had ik al gemist omdat die ook weer aan de ‘verkeerde kant’ stond. Gek word je ervan en onzeker ook. Er rijden daar met weinig tussentijd zo veel treinen. Nou ja, ik leer het nog wel eens. Zelfs een eenvoudig reisje naar huis is een spannende aangelegenheid geworden, maar daar was ik weer, met de goede trein en op het eigen station zowaar.