Een ezel is geen paard (2)

En dan nu over mijn ervaringen met een paard. Ik was, denk ik, een jaar of elf toen ik –op mijn eigen verzoek- les kreeg op het paard van mijn vader, Indra genaamd. Een mevrouw Toos Smeele, die paarden en paardrijdende mensen schilderde om aan de kost te komen, de paarden voor haar plezier ‘afreed’ als de eigenaren geen tijd hadden, gaf mij les. In het begin buiten op een open plek in het bos. Mijn vader was er ook bij. “Klim er maar op”, zei mijn lerares en lachte hartelijk toen het mij niet lukte. Ik was en ben trouwens nog steeds maar klein van stuk. Mijn vader hielp mij een handje en daar zat ik, jonge jonge wat hoog! Ik pakte de teugels en moest proberen ‘in lichte draf’ te gaan, op en neer wippend gelijk met het paard, zal ik maar zeggen. Tot mijn stomme verbazing ging het louter vanzelf  – en óp en neer en óp en neer -, zalig was dat. “Je hebt feeling” riep mijn lerares enthousiast. Wat dat betekende, wist ik niet. Wij kenden in die tijd nog geen woord Engels. Dat is nu wel anders, maar goed.

Was alles nu maar zo doorgegaan, dan was ik helemaal gelukkig gebleven maar de lessen gingen door. Ik moest leren galopperen. Dat was andere koek. Ik vloog alle kanten uit, klemde mij wanhopig aan zijn nek vast, vermoed ik en het paard werd plotseling tegengehouden. Mijn vader en Toos overlegden.  Ik zag ze in de verte wijzen en er werd een touw –een lounge? – aan het paard gebonden, zodat hij er niet met mij vandoor kon gaan, begreep ik later. Ik werd toen wel wat angstig, dat begrijpt u wel. Maar het zou nog véél erger worden.

Het paard werd elders gestald en ik kreeg les in een wei met een hek erom heen. Mijn vader reed daar ook als hij niet naar het bos ging. Met nieuwe moed klom ik op Indra’s rug en daar gingen wij opnieuw  in ‘lichte draf’. Het ging weer helemaal goed en ik voelde mij in de zevende hemel  -en óp en neer, en óp en neer – tot … opeens Indra steigerde en ik … gelijk Dikkertje Dap met een vaartje naar beneden gleed:  BOEM AU.  Niet bezeerd, dan er gelijk weer op, werd mij gezegd. Ik reed een rondje, het ging goed, hoewel steeds op een bepaalde plek het paard met mij op zijn rug door de stekelbosjes manoeuvreerde. “Laat zien wie er de baas is”, riep mijn vader, die het lesgeven nu zelf deed. Maar het feit was daar: het paard was mij duidelijk de baas. Hij voelde goed dat er maar een kind op zijn rug zat, denk ik. Zo sukkelden wij nog een tijdje door. Het paard steigerde op onvoorziene momenten en ik lag weer eens op de grond. “Hij is geplaagd door kinderen en is nu zenuwachtig geworden; daarom schrikt hij soms van een paaltje…”  legde mijn vader uit. Ik keek de wei eens rond en zag héél veel paaltjes … en zo kwam er een eind aan mijn paardrijlessen helaas. Ik werd té bang. Vele jaren later hoorde ik mijn vader vertellen over dat paard en echt waar, ik hoorde hem zeggen:  “Indra, o die rotknol”.  Ik kon mijn oren niet geloven.

Tekening van mij; lijkt niet op Indra, maar het IS een paard.

Een ezel is geen paard (1)

 “Nee allicht niet, wat een domme opmerking”, zult u zeggen.   “Ho ho”, zeg ik dan op mijn beurt. “Het is mijn gevoel dat hier spreekt.  Ik heb namelijk ervaring met ezels én met één paard. Ik zal het u proberen te vertellen. De allereerste keer –ik was nog heel klein, misschien drie jaar of zo- , logeerde ik bij mijn twee geleerde ongetrouwde tantes, die het altijd verschrikkelijk leuk vonden, als ik kwam. Zij beijverden zich elkaar te overtreffen in mij te verwennen wat ik mij vanzelfsprekend lekker liet aanleunen. Nou ja, toen besefte ik dat nog niet zo, maar ik vond het er heerlijk. Zij woonden in Den Haag en geregeld namen zij mij mee uit, bijvoorbeeld naar de eendjes in de Hofvijver en …naar Scheveningen.

Dáár mocht ik op een goede dag op een ezel plaatsnemen en ik mocht op hem rijden. Natuurlijk had een man de ezel vast maar goed, ik zat en reed een heel eind langs het water. Ik was totaal niet bang, en nam ook maar node afscheid van die lieverd, werd mij later verteld. Ik heb er ook een foto van, maar daar ga ik nu niet naar zoeken.  Toen kwam de geschiedenis met het paard, maar daarover in het vervolg, namelijk deel 2.

Nu eerst de tweede keer op een ezel. Dat was járen later. Ik was op vakantie met mijn ‘reisvriendin’ en dit keer zaten wij gezellig op Rhodos. Wij wisselden de dagen wat af, een halve dag luieren, zwemmen en zonnen en de andere helft –ná de siësta – ondernamen wij wat. Zo gingen wij op een dag naar Lindos, een heel hooggelegen stadje. Je kon gewoon naar boven klimmen of je kon een ezel huren, de taxi van Lindos genoemd. Aangezien mijn vriendin niet zo goed ter been was, besloten wij een ezel te nemen. Het kán zijn dat zij gezegd heeft dat ze het een beetje eng vond, maar dat heb ik niet gehoord. Wij waren toen nog superslank allebei, een geluk voor onze ezels. En hopla, daar begonnen wij aan de reis. Even voor de duidelijkheid: één man moest beide ezels en dames begeleiden. Mijn ezel begon rustig te klimmen, maar achter mij hoorde ik zachte gilletjes. Ik keek om en onze begeleider snelde naar de andere kant, omdat mijn vriendin nogal scheef aan het zakken was. Hij duwde haar weer rechtop, zij gilde harder en gleed de andere kant uit. Enfin, gelukkig had hij aan mij geen kind, want ik vertrouwde er op dat de ezel zelf niet in de afgrond wilde storten. Ik vond het wel zielig voor mijn vriendin, maar er was toen niets meer aan te doen. Later vertelde zij hoe bang zij was geweest en nog veel later hebben wij enorm de slappe lach gehad, ook van opluchting waarschijnlijk”.  

Tip: ga nooit op een ezel als u geen goede zit heeft of een beetje bang uitgevallen bent.

 Droge naald ets, Ezel van Artis. Bovenaan een iets donkerder afdruk.

 

Versje

Hoe dapper is de duivenjongen
Die op het bankje is gesprongen
Hij ziet de mensen lopen
Die het lekkers dat zij kopen
Als kruimels strooien voor de mussen
Maar hij denkt ondertussen:
Eet maar snel dan mors je
voor mij vast een korstje.

H. Chr. de Vries

Mocht u het nog niet weten, ik heb zo ongeveer 80 etsen in de aanbieding. Zie album Droge naald etsen bij Facebook. De prijs even bij mij informeren.

 

Nieuw plan

Ha hoera!  Het gaat goed met de etsen. Ik had mij voorgenomen er twee per week te maken of één als het een meer bewerkelijke is. Ik ben nú al boven de vijftig en dat is ruim genoeg voor een half jaar. “We zitten nu pas net in maart”, zult u zeggen, maar ik ben begonnen in oktober. Als ik mij iets voorneem, begin ik ook meteen. Dat is het beste, is mijn ervaring. Het aantal is natuurlijk niet echt belangrijk – ik krijg geen boete als ik te weinig produceer -maar ik heb zo iets gewoon nodig. Een stok achter de deur of mijzelf achter mijn broek zitten, zo iets begrijpt u wel? Omdat het zo goed gaat, ga ik mijn plannen voor het tweede half jaar een tikkeltje wijzigen. Als de maand maart om is (een half jaar) ga ik eventueel minder etsen, groter tekenen en één schilderij per week maken. Dat is het plan. “Wat hebben wij ermee te maken, jij doet toch wat je zelf wilt…”, zult u zeggen. Nou, ik hoop eigenlijk op een beetje aanmoediging, dat is het enige wat u hoeft te doen. Dat wilde ik maar even zeggen. Ik plaats er een kleine ets bij, die ik vanmiddag gemaakt heb. Ik vond hem zelf zo leuk geworden. ‘Een vrouwen-onderonsje’ is de titel.blog-036.

 

Weet u nog …

15589812_1256748484400367_8785847184794499551_n15590201_1256737497734799_6342604437005752759_n15590435_1256742717734277_3318448071521136110_nWeet u nog dat spelletje “Alle vogels vliegen…?”   IK zal uw geheugen even opfrissen. Eén iemand had de leiding en riep: “Alle vogels vliegen” en als je vond dat het klopte, stak je gauw je handen omhoog. En dat ging in een rap tempo verder: “Alle mussen vliegen, alle eenden vliegen, alle apen vliegen…”enz. Stak je bij alle apen vliegen je handen omhoog was je AF. Tot er eentje overbleef en die was de winnaar. Wat er verder dan gebeurde, weet ik niet meer zo goed. We deden dat spelletje e.a. vooral op verjaardagsfeestjes en een lol dat we hadden…. ! Ja, dan verlang ik wel eens naar die tijd, dat je geweldig plezier had om de kleinste dingen. De leraren en leraressen vonden dat minder, hadden daar weinig begrip voor en stuurden wat giechelkonten de klas uit. Regelmatig stond ik dan ook in de gang, maar goed, ik kon nu eenmaal slecht mijn lachen inhouden.  En mijn lachen was ook nogal aanstekelijk en dus zat er niks anders op.

15622086_1256731347735414_8389838629572867047_n15895078_1291196200955595_8342866535341379333_n15726959_1277186149023267_2326292558016375144_n16832240_1342953885779826_5401873092730682925_n

Dat alles kwam opeens in mij op, toen ik vanmiddag braaf een sneeuwuil zat te etsen. Misschien kunt u dat spelletje ook weer eens doen, is echt heel leuk. Ik ga nu even kijken hoeveel vogels ik in mijn etsenverzameling tot nu toe heb. Ze staan namelijk allemaal in een album op Facebook, maar… niet iedereen doet aan FB, dus speciaal voor jullie ‘de vogels’.

15541501_1256716074403608_7414318948489919864_n…en een dood vogeltje (Boeli zijn schuld)

Klik op foto voor groter

Niet alles tegelijk

blog-003Boeli, wat een model!

Hoe meer ik teken én ets, hoe minder ik schrijf. U heeft het vast wel gemerkt. Voordat jullie nu misschien gaan denken, dat er iets met mij is, zal ik proberen gauw een stukje te schrijven.

blog-002blog-020Het komt zo, lieve lezers, dat een mens nu eenmaal niet alles tegelijk kan. En áls ik met  iets bezig ben, werp ik mij er ook helemaal in. Dat zit nu eenmaal in mijn aard. Dat had ik als kind al, heb ik van mijn moeder gehoord. Een beetje rustig de boel aanpakken is er niet bij. Daarom kom ik nu bijna niet tot schrijven. Jammer misschien, maar het is nu eenmaal zo. Ik had ook wat foto’s gemaakt om Wieneke en Hanscke het etsprocédé uit te leggen, maar ik kan ze even niet meer vinden. De foto’s dan, hè? Nou ja, komt nog wel eens en anders is daar nog altijd die heerlijk handige Google.

blog-017blog-019Ik zal u mijn laatste etsen laten zien, ik lig helemaal op schema, (zelfs erboven) nl 1 of 2 per week. Ik zit nu op 23 stuks. Het aantal doet er helemaal niet toe, maar het is goed voor mij, heb ik gemerkt. Nu mensen, ik leef nog en ik heb tijd te kort. Hier wat gezellige plaatjes.

Tja…?

blog-dsc08551Tja, wat is er allemaal gebeurd sinds mijn laatste logje van 7 november? Kennelijk voor mij niet de moeite om er over te gaan schrijven. O ja toch, ik schrok mij wezenloos woensdag ochtend toen ik op FB zag dat die Trump toch gekozen was.  Hoe is het mogelijk?  Maar goed, daar hebben al veel mensen het nodige over geschreven.

blog-001De vorige week ben ik begonnen mijn atelier weer eens goed op te ruimen; het was er een bende. Ik begon maar ergens, ik zal het u vertellen. Eerst had ik mijn etspers al ontdaan van doosjes, schilderijen en allerlei spullen. Dat was een logisch begin natuurlijk, want anders had ik geheel geen etsen kunnen drukken. Toen ruimde ik een baan vrij naar de etspers, zodat ik er gemakkelijker bij kon komen.

blog-004En zo ging ik verder, de hele week, mensen. Het is nog lang niet klaar, maar het vordert. Ik heb bijvoorbeeld een grote werktafel uitgegraven en schoongemaakt. Hij ligt er nu stralend en vol verwachting bij. Zondag zijn wij, zoon M. en ik, even naar de aankomst van Sint gaan kijken. We hadden ook gewoon thuis kunnen blijven, want hij rijdt voorbij ons huis, één keer heen én één keer terug (wat een luxe, niet?)  maar je hebt dan weer eens andere foto’s, dachten wij.  En dat was goed gedacht. Verder ga ik stug door met etsen, veel van de dieren van Artis.  Ach, had u gehoord dat er een girafje was geboren en dat hij heel gauw al dood was?  Zo jammer is dat. Tot slot zal ik u mijn nieuwste etsen laten zien en neem mij voor de zoveelste keer voor wat vaker iets te schrijven, maar ja???  We zullen zien.