Linnenkoorts en leg-angst

Om nog even terug te komen op mijn vorig logje: ik ben er achter wat het is, die vreemde remmingen die ik heb vóórdat ik ga schilderen. Het is min of meer te vergelijken met plankenkoorts, denk ik. Acteurs blijven daar altijd last van hebben, de een meer dan de ander, maar goed. Toch blijven ze stug de planken op gaan. Zo iets zal het zijn.Of een komischer vergelijking: wat kippen ook hebben. Wij hebben wat jaren terug lang kippen gehouden (en van kippen gehouden ook) met een haan en soms kuikens, de hele reutemeteut, zeg maar en die heb ik goed bestudeerd. Er was altijd wel een dameskip die een eitje moest leggen en nu dacht u waarschijnlijk, dat het een eenvoudige zaak is. Nee hoor, integendeel. Het gaat zo van: “Oei, ik moet een ei leggen, gauw naar het nest, o nee toch maar niet *toktoktok *  o jee, *toktok* ja toch wel, hè hè, ik zit… nee, *toktoktoktok* het gaat niet, even een hapje eten, o nee *toktok* ja, er komt er een….” En dit kan wel een half uur of meer zo doorgaan met veel gekakel en poespas. Dus dat is te vergelijken met dat domme gedrag van mij: “Ga ik wel, ga ik niet, nee toch maar niet, jawel…” enzovoort.

we009logweblog 008En nu tob ik weer over iets anders. Nu ja, tobben is een groot woord, maar ik zal het u uitleggen. Ik kocht laatst een boek, een zogenaamde. ‘klassieker’, heruitgegeven. ‘Noem het slaap’ is de titel en de schrijver is Henry Roth, niet de bekende Joseph R. en ook niet Philip om misverstanden te voorkomen. Het lag bij Bruna in de winkel en ik kocht het in de boekenweek. Ik begon het laatst te lezen en las en las stug door. Het kon mij niet erg boeien, maar ik las verder. Af en toe kwam er een pakkend stuk, maar dan weer een hoofdstuk, saai en zo  traag van tempo. Ik heb het boek nu uit en vraag mij in alle ernst af: ligt het aan mij of aan de vertaling, die soms   Engels i.p.v. Jiddish moest voorstellen en wel plat Amsterdams leek of aan beiden of ben ik geen mens voor klassiekers? Het speelt in het Joodse emigrantenmilieu in New York en is geschreven in 1913, geloof ik. Als iemand het ook gelezen heeft –misschien vindt u het prachtig – zou ik het graag willen horen. Daarna ging ik een boek van Eriek Verpale lezen, jeetje wat was dat een verademing na dat vorige boek, heerlijk gewoon *slaakt een diepe zucht*. U laat het wel weten, hè?

Goede voornemens en plannen

Even hardop denken. Heeft u ook zo vaak van die geweldige plannen en enorm goede voornemens? En dat er al na ongeveer één of twee dagen de klad in komt? En dat je dan zwaar de pest in hebt en denkt : “Nou dan doe ik toch helemaal niet meer aan de lijn; dan word ik maar moddervet. En regelmatig schilderen, nou, ik geef het op. In het begin lukte het nog wel ,ik voelde mij aardig voldaan, maar nu zijn er weer heel wat dagen voorbij, waarin ik geen verf of kwast  heb aangeraakt. Kunnen die laatsten ook niet hard worden; liggen lekker schoon in de vensterbank. Ik ben ook eigenlijk geen mens voor strakke roosters, ik houd meer van … vrijheid, verrast worden wat de dag brengt, pluk de dag en dat soort dingen. Dáár voel ik mij het prettigst bij, toch?”  Zo dacht ik in mijzelve. Maar gisteren maakte ik alweer zo’n strak plan, namelijk het volgende: 4 dagen in de week werken, d.w. op mijn atelier DRUK bezig zijn, één dag is een uitgaansdag, omdat ik eigenlijk met pensioen ben en in het weekend VEEL huishouden en maar kijken wat te doen. Maar nu denk ik al: “Nee Thé, je kunt beter niks plannen, dan valt het eerder mee wat je toch nog doet”. Zo zit ik af en toe flink te piekeren. Ik verwacht ook helemaal geen goede raad van u, -mag wel, hoor  – ik schrijf het alleen even van mij af. Ja, weet u wat het is? Sommige kunstenaars hier in het pand zijn altijd stug aan het werk en ik wou dat ik ook zo was. Ja, dat u geen verkeerd beeld van kunstenaars hebt, dat u misschien gaat zeggen: “Och meid, dat is des kunstenaars eigen…” want dat is niet zo, hoor.weblostilleven a“Eens een stilleven, voor de variatie” dacht ik.Staat nu al 2 welen onaf op de ezel…..

Mooi IJsselmeer

weblog 017Wij waren gisteren nog even bij Gerrit, onze vriend die aan het IJsselmeer woont, weet u wel? Wij dronken een glas wijn op een goede vakantie voor hem want hij gaat maar liefst 7 weken naar La douce France. Wij –althans vooral ik – bewonderde intussen het prachtige uitzicht op het IJsselmeer. Wij zaten binnen omdat het wat fris was maar foto’smaken vanuit de ramen lukte ook goed. Er is daar toch altijd wat te zien.  Zelfs een conainerboot, had ik daar nog nooit gezien. Weet u wat? U mag meekijken, goed? Hier komen ze.

weblog018wl 020wl 024 wl 025

Lieve lobbes

Er lag naast de modezaak aan de overkant een bruine* hond. Aan de lijn natuurlijk, maar hoe gelaten lag hij daar. Aan zijn hele houding kon je zien dat het wel een tijd zou duren. Ik liep even naar hem toe om een foto te maken. Die kalme geduldige houding ontroerde mij. Maar bij mijn nadering keek hij op en begon te kwispelen. Ik sprak hem vriendelijk toe, zo van “ja, je bent braaf, het vrouwtje zal zo wel komen…”. Hij keek mij ietwat droevig aan. Je zag hem denken: “Ik weet wel beter”. Hij legde zijn kop neer, en van achteren gezien lag hij weer precies in dezelfde houding waarin hij mij opgevallen was. Ik maakte de foto, die ik wilde maken, groette hem en ging weer naar binnen. Hij heeft vast nog een tijd moeten wachten ….

weblog 004weblog 005weblog 006weblog 007

* Waarschijnlijk een Labrador Retriever, ik weet het.

Hierbij vergeleken…

weblog 034detail . Ziet u die traan? Anders even vergroten.

Hierbij vergeleken kan die Bob Ross wel ophoepelen, hoor!”  Gisteren zondag hadden wij zin er even tussen uit te gaan. Na rijp beraad,  ook met zoon Martijn, werd het Alkmaar. Daar was een nieuwe tentoonstelling: Kruseman, kunstbroeders uit de Romantiek. Bovendien hadden wij zin om lammetjes te zien en bollenvelden, tenminste ik dan. En daarna de Krusemannen , dat was de bedoeling. Ik had maar vaag van die luitjes gehoord, maar dat maakte het des te spannender. Ik citeer nu even uit de folder:  ‘Vijf Nederlandse kunstbroeders, allemaal met dezelfde achternaam: Kruseman. In de negentiende eeuw waren de schilderende neven en achterneven uit deze familie bekende en gewaardeerde kunstenaars. Cornelis, Jan Adam. Frederik Marinus, Hendrik Dirk en Jan Theodoor konden bovendien putten uit een rijke familietraditie…..’  Men had de grote benedenzaal ook in vijf afdelingen gesplitst met de diverse namen groot erbij. Ik schrok en zei meteen tegen Hans Kwaster: “Ik weet niet of ik al die namen uit elkaar kan houden, hoor Hans!”.  Gelukkig had hij er ook moeite mee, dus dat was in het geheel niet nodig.

weblog 011 Als ik een korte indruk mag geven, waren er twee dingen die mij opvielen. Ten eerste dat alles behoorlijk zoet en hier en daar flink dramatisch was weergegeven.. Nu ken ik de werken uit de 19e eeuw niet zo goed, dus misschien was dát even wennen. Het tweede dat mij opviel was dat alles ook ontzettend knap was geschilderd, getuigend van een groot vakmanschap. Misschien dat de portretten nogal geflatteerd waren, want ik zag zonder uitzondering allemaal mooie mensen, in prachtige kleren, ook al zo goed weergegeven.

weblog 015weblog 002detail

Je kunt van de Krusemannen veel zeggen misschien, maar schilderen kónden zij. Ook landschappen waren er te zien en ik stond met grote bewondering te kijken. “Kijk eens Martijn” zei ik tegen mijn zoon, die even naast mij stond, “wat is dat toch mooi. Die mensen daar heel ver weg en die koeien en schapen en daar een hondje en zó klein geschilderd, wat knap toch!” “Ja mam, en die blaadjes, helemaal echt …” Goh ja, en daar een vogeltje en nog een … ik zal je zeggen Martijn,  hierbij vergeleken kan die Bob Ross wel ophoepelen, hoor!” Martijn schoot in de lach en zei onmiddellijk: “Dat wordt de titel van je volgend blogje”. Dat deed ik dus bij deze. Nog wat foto’s en klaar is Trees. Geniet u mee?

Nog even een anekdote van Martijn. Een schrijver zei eens tegen een schilder: “Wat heeft u toch een zwaar vak. Stel, u schildert een boom, al die blaadjes, wat zult u lang bezig zijn… en ik, ik schrijf gewoon BOOM en daar staat hij al.”

Mooi of niet mooi?

Behalve tamelijk veel huishoudelijke klussen maar ook een mooie wandeling heb ik vandaag (dus gisteren)  niet veel bijzonders beleefd.  Daarom maar voor de verandering een piepklein logje. Zo zag ik deze boom en normaal spring ik dan een gat in de lucht bij het zien van zoveel schoonheid. Maar opeens dacht ik: “Is dit niet een beetje overdreven?”  De takken zitten zo vreselijk vol, de bloempjes laten elkaar bijna geen plaats en dat allemaal voor een paar dagen maar. Tenminste dat denk ik. Wat vind u er van? Spreek u maar rustig uit, hoor, neem geen blad voor de mond, hups een spontane reactie graag!

weblog 015